
Ik ben Bergen: Joost Eykman
AlgemeenBERGEN OP ZOOM - ‘Je hoeft hier niet geboren te zijn om hier vandaan te willen komen.’ Het zijn gevleugelde woorden die ooit zijn opgetekend door de Antwerpse dichter Bert Bevers. Maar wie zijn die mensen dan die hier zo graag ‘vandaan willen komen’? In de serie ‘Ik ben Bergen’ ga ik op zoek naar het Bergs DNA. Wie woont hier, wat zijn hun verhalen en wat zijn hun dromen. Deze week vertelt Joost Eykman, d’n Gròòtste Boer, over de stralende woestijn aan mogelijkheden die hij ziet, juist ook na zijn ongeluk.
Bijna een jaar geleden werd bekend dat Joost de nieuwe Gròòtste Boer zou worden, maar zijn eerste jaar in die functie liep compleet anders. Hij viel van een paard en liep daardoor een schedelbasisfractuur op met een hersenkneuzing als gevolg. Meer dan een half jaar na dat ongeluk kan Joost nu zeggen: “Het gaat goed met me. Ik heb geen gedragsveranderingen of stoornissen overgehouden aan het ongeluk. Ik heb mezelf alweer een aantal keer getest door langere tijd te werken en te kijken of ik daar moe van word, maar ik heb daar geen last van. Het gaat goed met me.”
Rian en Goof
Van de Vastenavend kan hij zich niks meer herinneren. “Mijn korte termijn geheugen heeft toen niet goed gewerkt, dus ik kan me die hele periode niet herinneren. Dat is heel vreemd, maar volgens de artsen misschien wel goed. Ik kon in die periode ook niet veel prikkels aan, want dan werd ik moe. Mijn horizon ging van een meter breed, naar een centimeter. Mijn vrouw Rian heeft me geholpen en beschermd en mensen bij de Stichting ook. En Goof was ook goed voor mij. We gingen samen wandelen en hij stelde geen vragen”, lacht Joost.
Horizon
Die smalle horizon zal voor mensen die Joost kennen een vreemde gedachte zijn. De grafisch ontwerper lijkt een eindeloze horizon voor zich te zien en als hij daarover praat is zijn passie wel duidelijk. “Je bent je eigen gedachten aan het verbeelden op papier. Je gaat iets maken dat nog nooit eerder gemaakt is.” Joost heeft de kunstacademie cum laude afgerond als grafisch ontwerper. Maar hij heeft beslist niet zijn hele leven alleen maar ontworpen. “Ik kwam altijd wel iets nieuws en interessante tegen dat mij trok. Zo ben ik ook bij Rijkswaterstaat in het management terecht gekomen. Ik ontdekte daar dat ik het bedenken van structuren geweldig interessant vond.” Zo ging het ook binnen de Stichting. “Na acht prinsenwagens te hebben ontworpen, ben ik andere zaken gaan oppakken. Dat was weer veel leuker omdat daar weer nieuwe uitdagingen lagen.” Zo ging het ook bij de vraag of Joost Gròòtste Boer wilde worden. “Ik zag ook daar ineens weer een stralende horizon aan mogelijkheden.”




