
Met grote stappen dor de Vastenavendhistorie: ‘Mie den Os(car) deel 2’
Door: Eric Elich AlgemeenBERGEN OP ZOOM - Tijdens de prijsuitreiking van de Groote Optocht van 2024 werd voor de 56e keerde Mie den Os(car) uitgereikt. Een prestigieuze prijs met een aardige geschiedenis.
Wilde vrouw
Een van die processies die ter ere van Dionysus georganiseerd werd, is beschreven door Athemaeus. Hij somt op wie en wat er voorbij trok.“Voorop liepen silenen, fabeldieren, half man, half paard, die het publiek aan de kant hielden, gevolgd door satyrs, boswezens, wijndrinkers en verleiders. Priesters en priesteressen. In de optocht reed ook een praalwagen met daarop een beeld van Nysa, een nimf gekleed in een spartaans lichtgeel gewaad en met goud doorstikt. Ze was omhangen met gouden klimopranken en druiven, gemaakt van juwelen. In haar linkerhand hield zij een thyrsus die met linten versierd was.”
Ook Maenaden, volgelingen van Dionysus liepen mee. Deze vrouwen werden ook Maallonen, Bassaren of Lydische genoemd en werden als ‘wilde vrouwen’ bestempeld. Sommigen waren gekroond met slangen, anderen met taxus, wijnranken of klimop.
Maenden organiseerden in de bergen dansfeesten ter ere van de maenden die tot het gevolg van de god hadden behoord. De zogenaamde Bergdans vond ‘s nachts, midden in de winter plaats. De legenden rond de bezetenheid van de vrouwen en hoe zij door de bergen zwierven, dieren verscheurden en rauw vlees aten, berusten misschien op een tot de prehistorie behorende verwoestende vorm van een eredienst. Bij het bergdansen was de godheid aanwezig in dierlijke vorm als bok, hert of stier. Door hem te verscheuren en rauw te eten vereenzelvigden zij zich met Dionysus. Wonderlijk genoeg zijn er geen aanwijzingen dat ze zich te buiten gingen aan wijn, het sap van de druiven, dat men eventueel zou kunnen beschouwen als het bloed van Dionysus.
Godin van de jeugd
Vergelijkbare sculpturen van Dionysus en Ariane zijn er legio. Een paar Franse Empire terracotta sculpturen van Bacchus, zo noemde de Romeinen Dionysus, met wijnattributen komt sterk overeen met het stel op de mantelklok. Ariadne draagt een Romeins gewaad en in haar handen heeft ze een cuppa en een wijnkan. De uitbeelding van de wijngod is precies volgens de klassieke principes. Al in de oudheid werd hij verbeeld als een halfnaakte jongeman in een pantervel en gekroond met wijnbladeren.
Toch is de vrouwenfiguur naast Dionysus op de mantelklok niet de godin Ariadne of Demeter, allerminst een wilde vrouw. Annepiet Nouwen van het Rijksmuseum geeft daar uitsluitsel over. Nouwen: “Ariadne wordt doorgaans niet met een zuil of wijnkan afgebeeld.”
Een ander vrouwenbeeld een schenkster, van Italiaanse Antonio Canova, (1757-1822) een van de grootste beeldhouwers uit de kunstgeschiedenis, komt beter overeen. Nouwen: “Het zou inderdaad dezelfde figuur kunnen zijn gezien de verschillende elementen waarmee ze is afgebeeld.” Verbeeld is Hebe, (Hébè) dochter van Hera en Zeus is de godin van de jeugd en een van de vele goden en godinnen die door de oude Grieken aanbeden werd. Haar belangrijkste taak was om voor de goden op de berg Olympus nectar in te schenken, de drank die de goden hun eeuwige jeugdigheid liet behouden, en om ze van de godenspijs ambrozijn te voorzien. Ze werd veelal samen met haar moeder vereerd en werd ook met Dionysus in verband gebracht.
Vereerd
Ontwerpers zijn vereerd als zij de ontwerpersprijs Mie den Os(car) voor een jaar mee naar huis mogen nemen. Joost Eykman, toen ontwerper van bouwclub Variant, won de prijs in 1983 en was zo ondersteboven van ‘het beeldschóóne meske’ dat hij haar met een gedicht heeft geëerd. Daar bleef het niet bij, want in 1984 maakte hij een ontwerp voor een A-wagen (Extra Grote Wagen), waarop Mie den Os(car) het middelpunt werd.
Ook Rob Glasbergen, van 1982 tot 2017 ontwerper van bouwclub de Krabbekweekers, kent die liefde. Glasbergen: “Ik heb vanaf 1991 ‘Mie’ vier keer mee naar huis genomen. Daar stond ze een jaar lang mooi te wezen op een prominente plek met een spotlight op een sokkel of in een nis. Mensen die niks met Vastenavend hadden, vonden het maar een lelijk ding, maar voor mij was ze een beauty. Gekscherend zeiden Mie-winnaars onder elkaar wel eens: het is een onbetrouwbare vrouw; ze blijft een jaar en daarna is het maar weer afwachten of ze ooit nog terugkomt. We waren allemaal wel een beetje verliefd, denk ik.”
Glasbergen: “Alleen al die blauwe kist: supergeheimzinnig, bekleed met rood satijn. Geheimzinnigheid hing altijd wel een beetje rond dat beeldje: wat betekenden die ornamenten, wie had die vreemde kleurelementen aangebracht, waar kwam ze vandaan? Het was symbolisch voor het surrealistische gevoel dat Vastenavend altijd bij mij oproept; alsof je in een verhaal van Hubert Lampo bent beland.”
Kunstenaar en ontwerper Rini Hagenaars won de Mie den Os(car) voor het eerst in 1970. Het was de vijfde keer dat de ontwerpers prijs werd uitgereikt. De eerste keer was aan kunstenaar, docent tekenen Fons Gieles met het ontwerp voor bouwclub de Gaspitjes: ‘Zal Nie meer Stinken Fortaan.’
Hagenaars: “Ik won met een ontwerp voor de dweilband, die toen onderdeel was van bouwclub De Leutige Krabben. Ik besefte toen nog niet zo goed wat deze prijs inhield, maar ik was later toch ontzettend blij met deze waardering.” Rini heeft de prijs in totaal zes keer gewonnen. “De derde keer dat ik haar won was in 2001. Ik herinner me vooral dat je onder zoveel belangstellenden op de Grote Markt, de prijs in ontvangst mocht nemen. Dat deed me heel veel.” Rini ontwierp voor vele bouwclubs onder andere voor de Leutige Krabben, d’Ekseketel en Variant. In 2006 won hij met een ontwerp voor bouwclub Variant voor de zevende keer de Mie d’n Oskar.” Hagenaars: ”Bij mij overheerste trots en motivatie om voor het nieuwe bouwseizoen weer een goed ontwerp te maken.” Charles Brooijmans was 33 jaar allround ontwerper en boetseerder nam acht keer Mie d’n Oskar in ontvangst. “Net als de anderen werd ook Charles stiekem een pietsje verliefd op zijn ereprijs”, zo staat het te lezen in een artikel in de Vastenavendkrant van 1981. “lk wil jou voor altijd, voor eeuwig!” aldus de winnaar. Maar unieke Mie blijft Mie d’n Oskar, een wisseltante, die onvervreemdbaar is.




