
In regen en stilte herdenkt Halsteren de Watersnoodramp: ‘Openlijk praten over verdriet kan nu wél’
Door: Remco Weterings AlgemeenHALSTEREN – In de kletsende regen verzamelden zich zaterdagmiddag tientallen inwoners in de Auvergnepolder voor de jaarlijkse herdenking van de Watersnoodramp van 1953. Bij het monument Signalen in het landschap werd stilgestaan bij de 78 slachtoffers uit Halsteren en Lepelstraat. De plechtigheid was sober, maar de verhalen en herinneringen maakten diepe indruk.
De regen mag met bakken uit de lucht komen, toch mag dat voor de ruim 50 aanwezigen, jong en oud, geen bezwaar zijn om de herdenking van de watersnoodramp aan zich voorbij te laten gaan. “Deze omstandigheden vallen in het niet bij wat de mensen hier 73 jaar geleden in deze polder hebben meegemaakt”, zo vertelt Eugène van den Eijnden, één van de organisatoren van de jaarlijkse herdenking bij monument “Signalen in het landschap” in de Halsterse Auvergnepolder. Na afloop van de ceremonie in de polder was er een samenkomst bij het heemhuis “Hof van Ram”.
“De ramp heeft diepe sporen nagelaten in de toenmalige gemeente Halsteren en kerkdorp Lepelstraat. In deze plaatsen hebben in de rampnacht van 31 januari op 1 februari 78 mensen het leven gelaten. Het leed dat in sommige families tot op de dag van vandaag nog voelbaar is, verdient een waardevolle herdenking. Naast al het persoonlijke leed was de materiële schade in beide plaatsen enorm”, zo vertelt Van den Eijnden. In het verleden waren er op diverse plaatsen kleinere ceremonies, maar deze zijn gecentraliseerd bij het monument met de 78 rozen in ‘het hart’ van de ramp.
Sober en ingetogen is de plechtigheid in de Halsterse polder. “In 1953 was er nog maar weinig ruimte voor het tonen van emoties; niet stilstaan maar doorgaan was toen het credo. Gelukkig is er anno 2026 de ruimte om deze emoties alsnog bespreekbaar te maken”, zo benadrukt burgemeester Mulder. Naast een vertegenwoordiging van het Bergse gemeentebestuur was ook het gemeentebestuur van Steenbergen vertegenwoordigd, in de persoon van wethouder Remery.
Mail maakte indruk
“Het was een mail van mijn voorganger Kees-Jan de Vet die duidelijk maakte dat wat hier is gebeurd niet alleen een natuurramp was, maar een menselijke tragedie”, aldus dijkgraaf van Waterschap Brabantse Delta Joris Bengevoord. “In zijn mail schreef hij dat in deze polder elf van zijn familieleden hun leven hebben gelaten.” Dagelijks zetten de medewerkers van het waterschap zich in om de waterveiligheid te kunnen garanderen. “Het is geen soloprestatie, maar een gezamenlijke reis. We hebben onze partners en inwoners nodig om nu en in de toekomst garant te kunnen staan voor de waterveiligheid in ons beheersgebied.”
In een recent uitgekomen rapport werd maar weer eens duidelijk dat we als Nederlanders onvoldoende zijn voorbereid. “De meeste Nederlanders zijn slecht voorbereid op een waterramp, ondanks het toegenomen risico door klimaatverandering. Het risicobewustzijn groeit wel, maar het vertrouwen in dijken (87%) leidt tot passiviteit.”
Tot in tranen geroerd
Met haar verhaal wist ze de aanwezigen tot in tranen te roeren: Magdalena Wanrooij, het jongste kleinkind van Piet Roks en Jaantje Nelen. De autoreis van bijna twee uur uit Maastricht had ze er graag voor over. “Mijn vader en moeder zijn geboren in Halsteren en Bergen op Zoom, maar zijn later naar Limburg verhuisd. Ik ben een geboren Maastrichtse, maar de roots van mijn familie liggen in deze regio.” Wat haar familie in de rampnacht is overkomen, kent ze enkel via de verhalen van haar moeder. “Bij ons thuis werd er altijd heel openlijk gesproken over de ramp.”
Tijdens de ramp waren de 21-jarige vrouw Geertruida Maria Roks-van Eekelen en hun negen maanden oude dochtertje Catharina Adriana Maria Roks, van mijn opa, twee van de 78 slachtoffers in deze regio. “Als enige kleinkind ben ik naar beiden vernoemd; dat maakt mijn verbintenis met dit stukje familiegeschiedenis net iets groter.”














