
Aan de keukentafel met Ivo van Beekhuizen: ‘Het Polderhuis is echt een deel van mijn leven’
Door: Annemarie vdVreugde AlgemeenWESTKAPELLE - Het Polderhuis in Westkapelle is niet zomaar een museum, maar een levendig centrum van sociale en culturele activiteiten. Ivo van Beekhuizen weet dat als geen ander. Sinds 2006 is hij nauw betrokken bij de organisatie en heeft hij het Polderhuis zien groeien tot een dynamische ontmoetingsplek. Aan de keukentafel vertelt hij over zijn eigen ontwikkeling en over de unieke sfeer van de hechte gemeenschap waarin hij opgroeide. ‘Je kent iedereen, het is een heel hechte gemeenschap.’
Ivo is een echte Wasschappelaar. Toch? “Nou, ik zeg volmondig ja maar mijn opa en mijn moeder komen eigenlijk niet van hier. Ik ben dus eigenlijk maar een kwart Wasschappelaar, maar gevoelsmatig honderd procent hoor. Ik ben in het dorp getogen met alles wat daar bij hoort.”
Wat betekent dat?
“Ik ken de sociale verbanden van het dorp. Je groeit met elkaar op, gaat samen naar de basisschool, later naar de middelbare in Middelburg en in het werkende leven kom je elkaar ook weer tegen. Je kent iedereen, het is een heel hechte gemeenschap. Ik heb weleens gedacht om te gaan studeren buiten Zeeland, maar dat kwam er niet van. Die wens was niet groot genoeg, ik wilde liever gaan werken en mijn leven in Westkapelle verder opbouwen.”
Ivo ging naar het Delta College in Middelburg waar hij koos voor de administratieve richting. “Mijn vader was directeur bij woningbouwvereniging L’escaut. Mijn streven was om zijn baan over te nemen.” Lachend: “Hij zat achter een bureau en ik dacht dat dat wel een makkelijk baantje was!” Na de middelbare school begon Ivo aan de mbo-opleiding openbaar bestuur en liep stage bij de gemeente Veere. “Dat vond ik een mooie en leuke tijd waarbij ik veel mensen leerde kennen. Toch had ik zin in een nieuwe uitdaging en kwam bij accountantskantoor Rijkse in Middelburg terecht. Dat vond ik ook erg leerzaam en ik had het leuk met mijn collega’s, maar toch… Ook dit was niet echt mijn ding en ik besloot na een paar jaar te stoppen. Ik moest heroriënteren en erachter zien te komen wat ik wél wilde.
Hij vervolgt: “Vroeger was dat een stuk eenvoudiger: je werd boerenknecht of diekwerker, vandaag de dag heb je 1001 mogelijkheden. Uiteindelijk ben ik achter de bar bij een camping hier in de buurt gaan werken, dat bleek ik heel leuk te vinden. Ik ben een mensen-mens. Een praatje maken en de gasten een mooie avond bezorgen, daar genoot ik van. In de wintermaanden was de camping gesloten, toen ben ik auto’s gaan rijden in de haven. Weer iets heel anders.”
Dat is een afwisselende carrière! Hoe ben je uiteindelijk bij het Polderhuis uitgekomen?
“Mijn vader was betrokken bij de oprichting van het Polderhuis. Er werd regelmatig bij ons thuis vergaderd. Niet dat ik me daar mee bezig hield, ik deed mijn eigen ding. Totdat er iemand werd gezocht voor de horeca en de winkel. Een van de bestuursleden, Ada van Hoof, stelde voor dat ik dat zou gaan doen. Eenmaal aan het werk achter de balie, in het museum, in de winkel en horeca kwam alles samen. Het is zo divers en dat maakt het voor mij zo mooi. Nog steeds, want ondertussen werk ik er al sinds 1 mei 2006.”
Wat vond je vader ervan?
Lachend: “Het was even wennen, maar hij zag ook mijn potentie. Al mijn ervaring komt samen in deze functie. Bij het Polderhuis geven een eigen blad uit, versturen wekelijks een nieuwsbrief, werken er 165 vrijwilligers en 9 mensen zijn in vaste dienst, hebben we verschillende werkgroepen, beheren we de vuurtorens in het dorp…Ik zit tegenwoordig meer achter mijn computer dan achter de balie. Dat vind ik soms wel jammer want het contact met de gasten vind ik het leukste, maar een organisatie groeit en je moet meegroeien. Er komt ontzettend veel bij kijken, dat maakt het voor mij een geweldige baan.”
Is het Polderhuis belangrijk voor het dorp?
“Zeker, we organiseren meerdere sociaal maatschappelijke evenementen zoals lezingen, themacafés, een mannenontbijt… Je kan het zo gek niet bedenken. Dat doen we omdat het Polderhuis van iedereen is en ideeën zijn altijd welkom. Neem het mannenontbijt, dat was een idee van een van onze vrijwilligers. We zijn het gewoon gaan proberen. De mannen krijgen een ontbijt en aansluitend een presentatie. Die presentatie mag over V8-motoren of vlinders gaan, als iemand, maar enthousiast kan vertellen over het onderwerp. We organiseren het mannenontbijt inmiddels vijf jaar.
Een andere geslaagd initiatief is het Repair Café. “Ook dit is een idee van vrijwilligers. Ze hebben het zelf opgezet, ik hoef het niet te regelen maar moedig juist mensen aan om zelf initiatief te nemen.” Die mentaliteit past bij de manier waarop het Polderhuis functioneert: iedereen draagt bij niemand staat boven een ander. Ivo: “Deze initiatieven brengen mensen samen. Dat is ook het voordeel van de korte lijntjes in het dorp, je kan altijd wel iemand vinden die kan helpen.”
Hoe hou je jongeren betrokken bij het Polderhuis?
“We merken dat het lastiger wordt om jongeren enthousiast te maken voor horeca- en vrijwilligerswerk. Vroeger was het normaal dat je als tiener een baantje had in een café of restaurant, maar tegenwoordig moeten we echt zoeken naar mensen. Daarom proberen we jongeren op andere manieren binnen te halen, zoals via maatschappelijke stages. Zo leren ze hoe het is om in een werkomgeving te functioneren. Het blijft een uitdaging om jongeren echt actief te krijgen, maar we zien wel positieve ontwikkelingen. Neem bijvoorbeeld Cosata Skate Westkapelle: een initiatief waarbij skatelessen worden georganiseerd. Dat lijkt iets kleins, maar dit soort activiteiten zorgen ervoor dat jongeren zich betrokken voelen bij het Polderhuis.”
Wat is jouw motivatie?
“Ik doe dit werk met veel passie en overtuiging. Dit is voor mij niet zomaar een baan, het Polderhuis is echt een deel van mijn leven. Soms is het druk, en er is weleens wat maar, als ik zie hoeveel mensen hier samenkomen en genieten van wat we neerzetten, dan weet ik weer waarom ik het doe. Bovendien leer ik zelf ook voortdurend bij. Ik kan er echt mijn ei in kwijt.”
Met wie zou je zelf een keertje aan de keukentafel willen zitten?
“Met mijn oma. Ze is overleden, maar op zondag ging ik standaard op bezoek bij haar en doordeweeks kwam ik er ook regelmatig. Toen ze in het woonzorgcentrum zat ging ik er een keer in de week eten. Lekker Hollandse pot zoals alleen een oma dat kan maken. Gekookte aardappels, krootjes en een speklapje. Zo goed kon je het in een restaurant niet krijgen. Het was altijd gezellig, ze zei altijd wat ze dacht en had haar hart op de tong. We hebben ontzettend veel met elkaar gelachen. Dat zou ik nog wel eens willen doen.”
PASPOORT:
Naam: Ivo van Beekhuizen
Leeftijd: 43 jaar
Burgerlijke staat: Alleenstaand
Hobby’s: “Werken bij het Polderhuis is een hobby. En de laatste tijd wandel ik veel, ik word ook een dagje ouder, haha! Hardlopen en fietsen doe ik ook graag.”




