
Zeeuwse kustwateren zijn kraamkamer voor haai
Door: Floor Kohlen AlgemeenKAMPERLAND - De zon schijnt heerlijk boven Neeltje Jans terwijl sportvissers hun hengels klaarmaken aan boord van de Quo Vadis. De sportvisboot deint zachtjes op het water hier in de Zeeuwse Voordelta, grofweg tussen Kamperland en Oostkapelle. De zee is kalm op deze donderdag 10 juli. Onder het oppervlak speelt zich iets af wat maar weinig mensen weten: dit stukje Zeeuwse zee is een kraamkamer voor haaien.
DOOR FLOOR KOHLEN
“We zoeken nu naar de exacte geboorteplekken, de zogenaamde pupping grounds,” vertelt haaienonderzoeker Niels Brevé van Sportvisserij Nederland, terwijl hij speurt over het water. Hij is één van de drijvende krachten achter ‘Sharkatag’, een jaarlijks driedaags evenement waarbij sportvissers haaien vangen, meten, eventueel merken, en terugzetten. Het nieuwste onderzoek naar de haaien die voor de Zeeuwse kust zwemmen richt zich op de jongen van de gevlekte gladde haai. “We dachten eerst dat het toeval was, maar inmiddels is het onmiskenbaar: het Zeeuwse kustwater en de Oosterschelde spelen een cruciale rol in de voortplanting van de gevlekte gladde haai.”
In de jaren ‘60 en ‘70 kwamen haaien nog regelmatig voor in de Zeeuwse Voordelta, maar door overbevissing verdwenen ze uit beeld. Pas vanaf 2009 werden ze weer vaker gesignaleerd. Dat vormde het startschot voor grootschalig onderzoek. Inmiddels zijn ruim 5.000 volwassen gevlekte gladde haaien van een tag voorzien. Nu is het doel om juist haaien kleiner dan 50 centimeter te taggen. “We schieten een klein plastic staafje aan de onderkant van de vin. Het dier heeft daar geen last van met zwemmen. Zo’n tag levert ons veel kennis op: waar worden ze geboren, waar gaan ze heen, hoe lang leven ze?” “Hoe meer we weten, hoe beter we deze kwetsbare gebieden kunnen beschermen.”
Oosterschelde
Op de plek waar de Quo Vadis nu voor anker ligt, zo’n tien minuten varen vanaf de Oosterscheldekering, wordt regelmatig paaiend gedrag waargenomen bij gevlekte gladde haaien. “We zien soms dat als je een haai naar boven haalt, er een tweede achteraan zwemt, een paaiduo,” vertelt onderzoeker Brevé. Opmerkelijk is dat het vrouwtje na de paring in staat is om het sperma op te slaan. Vermoedelijk trekt zij daarna de Oosterschelde in, waar het water warmer en rustiger is met volop voedsel, om daar haar jongen ter wereld te brengen. Ze zijn levendbarend en na een draagtijd van ongeveer een jaar komen hier de jonge haaien, de ‘puppies’, ter wereld.”
Vangen om te beschermen
Aan de vishengels aan boord worden garnaaltjes vastgemaakt, een delicatesse voor de haaien. En dan is het wachten. Niet veel later buigt een van de hengels. “Ja, we hebben er een,” klinkt het opgetogen op het dek. Beheerst wordt de lijn ingehaald. Even later wordt een gevlekte haai met een schepnet het laatste stukje uit het water gehaald en spartelt de haai verder in een bak met zeewater. Geen monster, maar een elegant dier van zo’n negentig centimeter, met de kenmerkende vlekken op de rug en een rustig kijkende kop met felgroene ogen. “Een vrouwtje,” stelt Brevé vast. “We kijken of ze al jongen draagt, meten haar, en zetten haar daarna terug.”
Ook vanaf de kust kunnen haaien gevist worden. Brevé: “Vorig jaar stond hier bij Neeltje Jans een jongetje van twaalf tussen allemaal stoere kerels vanaf de kust te vissen en ving de ene na de andere haai. Maar je kan haaien ook met het blote oog zien als je tegen de avond langs de kust loopt. Dan zie je allemaal kleine vinnen boven het water uitsteken.”
Zeeuwse beleving
De haaienonderzoekers werken samen met charterschippers en sportvissers, zoals Sjef Mathijssen uit Colijnsplaat. Sjef is schipper van de Quo Vadis én bevlogen sportvisser. Zijn hele leven draait om vissen. “Ik heb in een viswinkel gestaan, en nu mag ik mensen meenemen om haaien te vangen. Hier, voor onze eigen kust. Dat is toch geweldig?” Voor Sjef draait het vooral om bewustwording en beleving. “Veel Zeeuwen weten niet eens dat hier haaien zwemmen. En áls ze het weten, vinden ze het eng. Maar dat is nergens voor nodig. Ze zijn totaal ongevaarlijk.”
Mathijssen geniet zichtbaar: “Het is prachtig om haaien te vangen en ze te bewonderen. Maar altijd met respect voor het dier. We zetten alles terug in zee.”








