Afbeelding
Foto: Ankie de Bruijn – Leijdekkers

Egelopvang West-Brabant bestaat al 25 jaar

Door: Ankie de Bruijn – Leijdekkers Algemeen

ROOSENDAAL - Het is 25 jaar geleden dat Dré (65) en Conny (62) Scheeres uit Roosendaal de eerste egels opvingen in een konijnenkooi op hun slaapkamer. Vandaag de dag runnen zij een professionele opvang in hun achtertuin, waar zij jaarlijks tussen de 400 en 600 egels verzorgen. Samen met een hecht team van vrijwilligers verzorgen en behandelen zij de binnengebrachte dieren, met als doel deze weer vrij te laten in de natuur.

“Als je overdag een egel ziet, is het voor 99% zeker foute boel,” aldus Dré. “Uit onwetendheid wachten mensen vaak te lang voordat ze hulp inschakelen. Ze kijken de situatie eerst aan en beginnen met eten en drinken geven.” Zijn vrouw Conny vult aan: “Sommige mensen denken dat de egel lekker in het zonnetje zit, maar in werkelijkheid is het dier te verzwakt om naar zijn schuilplaats te gaan. Met dit warme weer holt de gezondheid van het diertje achteruit. Vliegen leggen eitjes op het dier en binnen een uur komen daar maden uit die de egel levend opvreten. Maar als je er op tijd bij bent, kun je ze nog redden.”

Poes mijn lievelingsdier

De egel is een beschermde diersoort die je niet in huis mag nemen. Stichting Egelopvang Roosendaal heeft echter een vergunning om dat wel te doen. 25 jaar geleden werkte Dré bij een vogelopvang, waar ook weleens egels werden binnengebracht. Maar de opvang was daar niet op ingericht. Omdat Dré was afgekeurd en graag van betekenis wilde blijven voor de maatschappij, richtte hij samen met zijn vrouw Conny de stichting op. “En het is niet eens mijn lievelingsdier, want dat is de eend,” lacht hij. Het lievelingsdier van Conny is de poes, waarvan zij er al veel in huis heeft genomen nadat mensen die bij hen achterlieten.

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Conny, tweede van links, met haar vrijwilligers. Foto: Ankie de Bruijn – Leijdekkers

Dré en Conny zijn al jaren de enige egelopvang in de provincies Zeeland en Noord-Brabant. Ze vangen jaarlijks tussen de 400 en 600 egels op. Alles geschiedt op vrijwillige basis. Dré bleek toch nog bij een werkgever terecht te kunnen. “Ik heb tot mijn 58e een dubbele baan gehad: bij de WVS en thuis bij de egelopvang.” Conny beantwoordt telefoons en e-mails, doet de boekhouding van de stichting, en werkt daarnaast nog drie dagen per week. Medische kennis van de egel heeft het echtpaar Scheeres opgedaan door mee te draaien bij de opvanglocatie in Den Haag en door contact te onderhouden met andere opvanglocaties. Samen vertellen zij: “Om kosten te besparen voeren we alle onderzoeken en behandelingen zelf uit. We gaan alleen naar de dierenarts voor een amputatie, een röntgenfoto of om een egel in te laten slapen.”

15 vrijwilligers

Om alle dieren de nodige zorg te verlenen, krijgt de stichting hulp van ongeveer 15 vrijwilligers, waarvan er dagelijks drie aan het werk zijn in de opvang. “Het is een hele leuke club die met passie hun werk doet,” vertelt Conny. “De onderlinge communicatie is heel goed.” Dré vult aan: “Toch blijven we altijd op zoek naar meer vrijwilligers, want zonder hen is er geen egelopvang.” Achter de schermen krijgt het echtpaar nog meer vrijwillige hulp, onder andere van mensen die de dieren in de winter opvangen in hun afgesloten tuin, die onderhandelen met de overheid en zich bezighouden met juridische vraagstukken.

In 2012 is de helft van de opvanglocaties voor egels in Nederland gestopt, omdat de regels door de overheid werden aangescherpt. Conny en Dré: “Dankzij financiële steun van Stichting Dierenlot en de Partij voor de Dieren bestaan we nog. We hebben toen een aparte behandelruimte gerealiseerd en speciale kooien aangeschaft.”

Inzamelen van kleding, frituurvet, blikjes en flesjes

Met giften van donateurs kan slechts een deel van de onkosten worden vergoed. “Dierenarts, voer, medicijnen; het kost allemaal veel geld,” laat Dré weten. Daarom zamelt de stichting ook kleding, frituurvet, blikjes en flesjes in. Sinds twee jaar krijgt de stichting bovendien een kleine subsidie van de gemeente Roosendaal. “En als we in de problemen komen,” vertelt het echtpaar, “dan helpt Stichting Dierenlot.” Zo hebben zij van hen een ambulance gekregen voor het vervoeren van dieren, zodat ze egels naar de dierenarts kunnen brengen. En binnenkort wordt dankzij financiële steun een nieuwe opvanglocatie geopend, want door gezondheidsproblemen wordt het opvangen van de egels in hun eigen tuin te zwaar.

Overdragen aan de volgende generatie

De nieuwe opvanglocatie is een van de speerpunten waar de werkgroep Toekomst Egelopvang zich sinds twee jaar mee bezighoudt. “Het doel van deze werkgroep is het overdragen van kennis aan de volgende generatie, zodat, als wij wegvallen, het met de egelopvang goed komt,” laat Conny weten.

Tussendoor vertelt het echtpaar Scheeres steeds op bevlogen wijze wat men kan doen om de egel te helpen. Tuinen worden steeds vaker bestraat en hermetisch afgesloten. Volgens Dré is een gat in de schutting of poort van 20x20 cm genoeg voor de egel om op zoek te gaan naar beschutting en eten in een groene tuin. Ook kan de egel goed zwemmen, maar zijn sommige vijvers te steil om uit te klimmen, waardoor de egel die erin terechtkomt verdrinkt. Conny benadrukt daarnaast: “Als je een robotmaaier hebt, zet die dan niet ’s nachts aan als de egel actief is. De beestjes lopen open wonden op door de mesjes, wat zelfs de dood tot gevolg kan hebben.” Ze heeft ook een tip voor mensen die de heg gaan snoeien of met een bosmaaier aan het werk gaan: “Check eerst of er geen egel onder de heg zit.” Het paar benadrukt ook: “Gebruik geen gif! De egel en ook andere dieren zoals vogels eten slakken en ratten die vergiftigd zijn. Dit noemen we doorvergiftiging. Je doodt niet alleen het dier waarvoor het gif bedoeld is.”

Wat moet je nu doen als je een egel ziet waar iets mee aan de hand is? Het enige wat Stichting Egelopvang Roosendaal van mensen vraagt, is om het dier naar hen toe te brengen. “Het is voor ons onmogelijk om door heel Zeeland en Noord-Brabant egels op te halen,” laat Dré weten. “Wat wij als stichting belangrijk vinden,” vertelt Conny, “is dat mensen mogen meekijken bij het onderzoeken, verzorgen en behandelen van de binnengebrachte egels. We gebruiken dat moment ook meteen om informatie over de egel te delen. En we vragen altijd of mensen erbij willen zijn als we de egel uiteindelijk weer loslaten in het gebied waar deze is gevonden. 80% van de mensen maakt hiervan gebruik en haalt voldoening uit het feit dat ze de egel geholpen hebben.”



Blijf op de hoogte van het lokale nieuws uit jouw regio met onze dagelijkse nieuwsbrief