
‘Halderbergse ondernemers wilden geen friet verkopen in Stampersgat’
Door: Vera de Geus AlgemeenSTAMPERSGAT - Er waren geen Halderbergse ondernemers die er iets voor voelden om voor langere tijd friet te verkopen in Stampersgat. Dat zegt het college in een reactie op vragen vanuit een drietal politieke partijen. Zij vroegen zich af waarom er twee dames uit Ridderkerk in Halderberge friet komen verkopen, terwijl de Halderbergse horeca in zwaar weer zit. Het college van B&W zegt een structurele verkoop van friet en snacks te willen voor Stampersgat. “Wij willen het risico niet lopen dat eind januari geen frietkar meer in Stampersgat staat.”
Er komt op woensdagen en zondagen een frietkraam in Stampersgat te staan. De gemeente heeft hier vergunning voor verleend, omdat er al jaren geen cafetaria meer in het dorp is. “Er is een aanvraag ingekomen om standplaats te kunnen innemen met een snackwagen op de woensdagen en zondagen in Stampersgat. In Stampersgat is de enige cafetaria al jaren geleden gesloten en er is tot op heden nog geen nieuwe voor in de plaats gekomen. In het verleden heeft er wel altijd een snackwagen gestaan, maar deze is gestopt”, aldus de gemeente Halderberge die groen licht heeft gegeven.
Leefbaarheid
“Via de Centrale Vereniging Ambulante Handel is de gemeente in contact gekomen met een standplaatshouder die op zoek was naar een standplaats voor de verkoop van friet. We hebben gekeken welke mogelijkheden er binnen de gemeente Halderberge beschikbaar waren”, zo legt de gemeente uit. De partijen vroegen zich af waarom er niet via de lokale afdeling van Koninklijke Horeca Nederland gevraagd is of er een lokale ondernemer interesse heeft om met een frietkraam op Stampersgat te gaan staan. “Zeker in deze Coronatijden, maar sowieso altijd, is het belangrijk dat we (eerst) aan onze eigen (horeca) ondernemers denken”, zo zeiden zij. De gemeente geeft echter aan niet over één nacht ijs te zijn gegaan. “Al enkele jaren zijn we actief op zoek naar een standplaatshouder voor de verkoop van friet in Stampersgat om zo de leefbaarheid te vergroten. Aan de diverse cafetaria’s is in het verleden concreet de vraag gesteld of ze met een kraam een standplaats in zouden willen nemen in Stampersgat. De ondernemers zagen dit zelf niet zitten. De natte horeca is verder niet benaderd, omdat we op zoek waren naar een frietkraam.”
Wildgroei
De gemeente ziet de vergunning voor frietverkoop in het dorp los van de coronamaatregelen en voelt er dan ook niets voor om andere horeca-ondernemers tijdelijk friet te laten verkopen in een kraam. “Wij vinden het niet verstandig om voor zo’n korte tijd een extra partij toe te staan. Wij willen het risico niet lopen dat eind januari geen frietkar meer in Stampersgat staat. Vanwege de bijzondere situatie die Covid 19 met zich meebrengt is er nog aanvullend gekeken in hoeverre er medewerking verleend kan worden aan initiatieven vanuit de horecaondernemers voor het innemen van een standplaats. Standpunt hierbij is dat er gekeken wordt om medewerking te verlenen als het verzoek past binnen het standplaatsenbeleid, de standplaatsingenomen wordt op eigen locatie bij de horecazaak, of op gemeentegrond waarvoor de ondernemer een terrasvergunning heeft ontvangen. Wij vinden het niet gewenst dat op allerlei plaatsen in de openbare ruimte ‘extra’ afhaalpunten komen. Als je de een toestemming gaat geven voor een hele tijdelijke voorziening, moet je dat voor de ander ook doen. Met bijna 50 horecaverkooppunten dreigt op die manier een wildgroei, terwijl al die verkooppunten op dit moment prima bereikbaar zijn. Als ze op eigen terrein extra faciliteiten willen treffen, dan denken we daar actief in mee. Dat hebben wij ook aan deze ondernemer laten weten”, zo zegt het gemeentebestuur.
Vergunning
Tenslotte wilden de partijen weten wat de afspraken zijn met de twee onderneemster van friteskraam De meiden. “Klopt het dat zij een meerjarig contract getekend hebben en dat zij verplicht de komende jaren twee dagen per week met hun kraam op het J.F.Vlekkeplein staan. Zo ja, wat zijn de sancties op het niet nakomen van deze afspraak? Zondag 22 november, waren ze al niet aanwezig”, zo zeiden ze. Volgens de gemeente is er echter geen contract getekend, wel hebben zij een meerjarige vergunning gekregen. “Dit betekent dat zij voor een periode van vijf jaar gebruik mogen maken van deze vergunning”, zegt B&W die aangeeft dat er op die bewuste zondag technische problemen waren waardoor de onderneemster afwezig waren. “Zij hebben dit duidelijk op social media aangegeven. Dat is overmacht. Zij hebben dit ook de marktmeester van de gemeente Halderberge laten weten”, zo besluit het college.




