
Wims familie vond na de bevrijding een gesneuvelde soldaat: ‘Het waren zeer angstige momenten, zei ons moeder’
Door: Tom Rietveld AlgemeenFIJNAART - Op de vroege ochtend van 3 november stond Wim de Veth op eigen initiatief op de begraafplaats In Fijnaart de ‘Last Post’ op zijn saxofoon te spelen bij het graf van een Engelse soldaat. Bij het graf liggen bloemen, het is onbekend van die deze afkomstig zijn.
Wim de Veth (73) is een klassiek saxofonist en is ambassadeur van het Vredesproject SAX4PAX, dat is uitgerold door de Belgische saxofoonbouwer Karel Goethgebeur uit Brugge. Wim: “Ik ben de kleinzoon van Gerard Oprins. Mijn opa, die woonde in de boomgaard van de Appelaar aan de Blaaksedijk in Fijnaart. Die heeft samen met mijn moeder – Ciska Oprins - de gesneuvelde Engelse soldaat L.A.G.Goodspeed gevonden achter in de boomgaard bij een sloot. Mijn moeder was toen zeventien.
Terug naar november 1944. Het gezin Oprins zat in de kelder van het huis als er beschietingen waren. Toen het een keer weer wat rustiger was geworden, ging een broer van mijn moeder, Jos Oprins, de kelder uit en zag plots twee Engelse soldaten in de keuken staan. Jos kon gelukkig een beetje Engels en kon een paar woorden wisselen met de soldaten. Iedereen van het gezin Oprins was verschrikkelijk blij met de ontmoeting van de Engelse soldaten van het Essex-regiment.
Maar hun advies was: “Blijf alstublieft in de kelder, ga terug, want wij zijn vooruit gestuurd als verkenner en nu zullen er binnenkort hevige gevechten gaan plaatsvinden. Mijn moeder vertelde: wij gingen terug de kelder in en vlak toen we daar zaten begon het. De hel brak los. De Engelse soldaten van het Essex Regiment kwamen de rivier de Mark over, die vlakbij de boomgaard ligt. Ze kwamen de boomgaard in, waar ook de Duitsers zaten.
Rondom het huis ontstonden hevige gevechten, de soldaten wierpen handgranaten naar elkaar. Het waren zeer angstige momenten, zei ons moeder. Uiteindelijk is het gezin naar Oudenbosch gevlucht. Een voettocht tussen in puin geschoten huizen, afgebrande boerderijen en dode dieren. Toen na een tijd het gezin weer naar huis terugkeerde vanuit Oudenbosch, vonden ze een gesneuvelde soldaat achterin de boomgaard bij een sloot.
Dit bleek dus soldaat Goodspeed te zijn van het Essex-regiment die reeds in staat van ontbinding was. Mijn opa sommeerde mijn moeder enkele meters afstand te gaan nemen, waarna mijn opa met een stok het lichaam schuin optilde om te zien hoe zijn toestand was, maar vooral om er zeker van te zijn dat er geen explosieven onder lagen. Enfin, er gebeurde niks. Samen met mijn opa heeft mijn moeder, soldaat Goodspeed op een fruitslede gelegd en de boomgaard uitgedragen waarna hij is opgehaald om begraven te worden.”
Wim laat een foto zien. “Dit is mijn opa Gerard Oprins, Dit ben ik. Ik loop dus bij dat huisje rond op veel te grote klompen. Ik was toen een jaar of twee, drie. En dit is mijn oma. Zij is hier geboren in Fijnaart. Mijn opa kwam van Gilze. Oom Jos, die staat dus achter dat huis en ik sta net achter die schuur hier. Het grote huis was van een zekere mevrouw Antoinette Koremans.
En die mevrouw die stikte van het geld. En mijn moeder die diende daar, die hielp haar met vanalles. Maar die vrouw die was zo rijk, die ging regelmatig naar Breda. Dat was toen een hele reis. En mijn moeder moest mee om haar een beetje te begeleiden en boodschappen te doen. Enfin, onze moeder heeft er altijd veel gedaan.
Op een dag zei de mevrouw Antoinette Bakker-Koremans: ‘Zus, ik heb een bijzondere mededeling. Je hebt jarenlang zoveel voor mij gedaan. Gij gaat de boomgaard en het huis erven.’ Toen was moeder eenentwintig en die zelfde nacht stierf die vrouw. Dus mijn moeder heeft niks geërfd. Dat vond ik wel heel zuur.”[n]




