
Breda zet streep door sluiproute van Zevenbergen richting Prinsenbeek en de A16
Door: Hanneke Marcelis AlgemeenPRINSENBEEK/ZEVENBERGEN - De gemeente Breda gaat maatregelen nemen om de mobiliteit in Prinsenbeek te verbeteren, zo moet verkeer dat niet in Prinsenbeek hoeft te zijn vanaf deze zomer het dorp mijden. Terwijl de route juist veel gebruikt wordt door forensen uit de gemeente Moerdijk. De gemeente Breda neemt deze maatregelen omdat de verkeersdruk in het dorp erg hoog is. De grote verkeersdrukte staat bovendien toekomstige woningbouw in Prinsenbeek in de weg, terwijl de wens voor nieuwe woningen groot is.
Verkeersdruk
De verkeersdruk op Prinsenbeek is groot. Uit een recent uitgevoerde verkeersanalyse blijkt dat circa 50 procent van het verkeer door Prinsenbeek doorgaand verkeer is zonder herkomst en/of bestemming in Prinsenbeek. “Dat is verkeer dat bijvoorbeeld uit de gemeente Moerdijk komt en naar de A16 rijdt. Ook vanuit Etten-Leur rijdt er verkeer door Prinsenbeek heen om de A16 te bereiken”, licht Arnoud van Vliet wethouder van Breda toe. Op de Schutsestraat, waar verkeer overheen komt vanaf de N389 en de Strijpenseweg, is zo’n 54% van het huidige verkeer doorgaand verkeer. Uit onderzoek dat is uitgevoerd namens de gemeente Breda blijkt dat zelfs 90% van het verkeer dat van Zevenbergen naar Breda via Prinsenbeek rijdt. De A59 en de N389 worden hiervoor heel beperkt gebruikt. Met spitssluitingen hoopt de gemeente een (tijdelijke) oplossing voor dat probleem te hebben gevonden.
Spitssluiting verschuift probleem
De gemeente Breda werkt nu aan een spitssluiting voor de Schutsestraat, mogelijk met een camerasysteem. Wie een ontheffing heeft kan op basis van kenteken wel tijdens de spits door Prinsenbeek. Ook voor bussen, landbouwverkeer en hulpdiensten komt er een uitzondering. Ook de Beeksestraat, Groenstraat, Langeweg en Strijpenseweg in Prinsenbeek zijn in beeld voor zo’n spitssluiting al zijn de exacte locaties nog niet vastgesteld. “Op lange termijn moeten we goed nadenken over een goed werkend verkeerssysteem voor dit hele gebied,” reageert Danny Dingemans, wethouder in Moerdijk. “Ik begrijp de keus van Breda, we hebben een vergelijkbare situatie in Zevenbergschen Hoek. Maar het is belangrijk dat je het probleem niet naar andere wegen verschuift.” De effecten van de spitssluiting op andere wegen zijn niet mis, volgens het onderzoek komen er mogelijk zo’n duizend extra motorvoertuigen via de Hokkenberg/Schoolstraat door Langeweg heen. Ook richting Etten-Leur over de Zanddreef wordt gerekend op een toename van zo’n 800 voertuigen. “Je moet bewoners meenemen, uitleggen waarom je deze keuze maakt. Tussen Prinsenbeek en Zevenbergen liggen veel boeren polderweggetjes, je kunt studies doen en modellen uitwerken, maar straks zien we hoe het feitelijk uitpakt,” zegt Dingemans.
Regionale oplossingen
De spitssluiting is volgens het rapport een korte termijn maatregel, beter is het om te investeren in structurele maatregelen. Zo zou de N285 volledig aangesloten kunnen worden op knooppunt Zonzeel. Hiervoor moet aanvullend regionaal onderzoek gedaan worden, ook naar de westzijde van Zevenbergen en het knooppunt Klaverpolder op de A17. ”Nu kunnen inwoners van de gemeente Moerdijk niet bij knooppunt Zonzeel de snelweg op. Als dat knooppunt compleet wordt gemaakt, haal de je noodzaak weg om door Prinsenbeek te rijden. De gesprekken over die mogelijkheid willen we aangaan. Maar zoiets is uiteraard een project van de lange termijn”, aldus wethouder Van Vliet. Zowel in Breda als in Prinsenbeek zijn er kansen voor het OV, Zevenbergen Oost komt vlak bij het station. “Helaas hebben we geen treinverbinding naar Breda, je kunt vanaf Zevenbergen naar Lage Zwaluwe of naar Roosendaal. Maar er gaat wel vier keer per uur een bus naar Breda en de busroute door Prinsenbeek blijft,” zegt Dingemans. Ook een snelfietsroute tussen Zevenbergen, Prinsenbeek kan voor enige verlichting van de verkeersdrukte zorgen en zal worden onderzocht.
Breda wil een half jaar ervaring opdoen met de spitssluitingen. De pilot moet rond de zomer starten. De pilot wordt nauwkeurig gevolgd en er wordt na een half jaar bekeken of dit het benodigde effect oplevert. Als de spitssluitingen effectief blijken te zijn, worden deze definitief ingevoerd.




