Afbeelding
Foto: Foto's: Angelique van de Reijt en Yvonne Vermeulen (midden

Mijnenjager trekt veel bekijks in Willemstad: ‘We vegen mijnen op de Oostzee’

Door: Angelique van de Reijt Algemeen

WILLEMSTAD - Afgelopen zaterdag kreeg de vestingstad Willemstad bijzonder maritiem bezoek: de mijnenjager Zr.Ms. Willemstad legde aan bij de grote steiger naast restaurant Vista. Honderden geïnteresseerden grepen de kans om het marineschip met eigen ogen te bewonderen en in gesprek te gaan met de bemanning. Zowel jonge bezoekers als oud-marinemensen genoten zichtbaar van deze zeldzame ontmoeting met de Koninklijke Marine op het Hollands Diep.

Annieck Hoefnagels en Erik Sprang bezochten de Mijnenjager zr.ms. de Willemstad. Het marineschip lag afgelopen zaterdag aan de grote steiger naast restaurant Vista, en was op het Hollands Diep te bezichtigen. Zij vertelden dat ze de oproep met de mogelijkheid om de mijnenjager te bezoeken, deze week al vaak gelezen hadden op internet. “We hebben al een aantal andere marineschepen bekeken De Tromp en een onderzeeër in resp. den Helder en Amsterdam. We hebben ongeveer 20 minuten rondgekeken en vragen gesteld aan de bemanning. Toevallig kwamen we onze buurvrouw, ook op het schip tegen. We waren beiden even nieuwsgierig en kwamen met toevallig, precies tegelijk, een kijkje nemen hier,” vertelt Annieck. De Officier van de Wacht. in zijn blauwe marine uniform, heette het publiek welkom bij de loopplank, terwijl de andere bemanning op het dek van het schip pauze hield in de zon. Bij het vertrek over de loopbrug werd aan alle bezoekers nog een grote poster van het Marineschip de Willemstad uitgedeeld, wat erg gewaardeerd werd door de bijna 1000 bezoekers, die deze dag de Willemstad kwamen bezichtigen.

Tekst gaat verder onder de foto. 


Ook Willemstadters bezoeken het schip.  - Foto: Angelique van de Reijt

George Tuk is ook 1 van de bezoekers. “Ik ben in dienst gegaan in 1959 toen was ik 15 jaar en 9 maanden en heb gediend tot 1965. Eerst deed ik de zgn. militaire vorming en daarna heb ik de opleiding tot kok gevolgd op de “De Ruijter,” waarmee ik met de marine o.a. naar Valencia in Spanje en Tanger in Marokko ben gevaren. Vervolgens heb ik 18 maanden op vliegveld Valkenberg gewerkt als beroeps.

Ik promoveerde naar 1e klas en werkte toen op de Karel Doorman vliegdekschip, waarmee ik 1 jaar door de Cariben en Venezuela ben gevaren. Daarna werkte ik wederom als kok op de van Ghentkazerne in Rotterdam, later bij de visserij inspectie. De laatste 3 jaar bij Defensie heb ik gewerkt bij de onderzeedienst. Prachtig mooi om vandaag, op mijn leeftijd, nog een keer dit mooie Marineschip Mijnenjager de Willemstad met al dat jonge marinepersoneel, in het vestingstadje Willemstad te bezoeken.”

Tekst gaat verder onder de foto. 


George Tuk bezoekt het schip - Foto: Angelique van de Reijt

Paul (24) is vandaag officier van de wacht. Hij verwelkomt in zijn blauwe uniform het bezoekende publiek en is eerste aanspreekpunt aan boord van het marineschip de Willemstad, welke werd gebouwd in Alblasserdam in 1989. “Vooral bij brand of calamiteiten ben ik verantwoordelijk voor het verloop aan boord. Ik had mijn middelbare school VWO diploma gehaald en wist niet goed wat ik wilde daarna. Op de site van Defensie zag ik de functie officier zeedienst bij de Marine en dat leek me wel wat. Toen ik door de aanmeldronde en sollicitatieprocedure heen was ging ik twee jaar in opleiding o.a. navigeren op de brug. Bij het koninklijk instituut Marine, waar de officieren worden opgeleid mocht ik een aantal keer meevaren om een sfeerimpressie te krijgen op de diverse schepen. Het marinewerk op deze mijnenjager spreekt mij vooral aan, omdat we met een kleine hechte groep zijn aan boord. Er zijn momenteel drie dames aan boord. We vegen mijnen op de Oostzee, en gaan op mijnenjacht gewoon in de Noordzee (van Wo1 en Wo2) of in de Golf van Riga. Daar liggen duizenden oude vliegtuigbommen, die we onschadelijk moeten maken. We zijn dan 24 uur per dag op zee, ‘s nachts speuren en detecteren we via echo’s en sonarbeelden naar de mijnen en dan overdag gaan de duikers o.a. van het corps mariniers met explosieven het water in om de bommen onschadelijk te maken met onderwaterrobots en speciale apparatuur. We zijn meer dan 200 dagen per jaar van huis, overal op zee met deze mijnenjager.”

Over Oekraïne willen de meeste marine opvarenden zich niet uitlaten. Ze spreken wel uit dat er wel duizenden vacatures zijn op dit moment bij Defensie. En dat sommige mijnenjagers, die uit de vaart gaan, wel naar Oekraïne gebracht worden.


Een deel van de bemanning - Foto: Angelique van de Reijt

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding


Blijf op de hoogte van het lokale nieuws uit jouw regio met onze dagelijkse nieuwsbrief