
Moerdijk geniet volop van Oldtimer Festival
Door: Tom Rietveld AlgemeenMOERDIJK - Drie dagen lang kleurde Moerdijk in nostalgische tinten. Het Oldtimerfestival trok duizenden bezoekers: liefhebbers van glimmende klassiekers, motoren, bromfietsen, stoommachines én gewoon mensen die kwamen voor de braderie, de kermis of de swingende muziek. Met optredens van The Eight Ball Boppers, de Rasjabouts en de dansers van de Boogie Woogie Club The Thunderbirds was het terrein een bruisende mix van techniek, herinneringen en gezelligheid.
“Zelfs wie niets met auto’s heeft, geniet hier,” zegt organisator Jos Schalk. Samen met John de Geleyns en Erik Westerburg vormt hij de drijvende kracht achter het evenement. “Dit jaar rekenen we zo’n 6.000 bezoekers en ruim 500 auto’s, plus een paar honderd brommers.” Hij lacht: “De eerste stonden vanmorgen om tien uur al klaar, die wilden absoluut een mooi plekje om zijn auto te showen.”
Een motor vol herinneringen
Bij een oude rijkspolitie-motor staat de heer Ben Coss stil. Zijn ogen glinsteren. “Mijn vader zat bij de rijkspolitie en reed op zo’n motor. Ze noemden het een ULM: ultra lichte motor. Officieel haalde hij maar 70 kilometer, maar volgens mij ging hij harder.” Hij fluistert bijna: “Ik heb er zelf stiekem ook wel eens op gereden.” Naast hem staat verzamelaar Oscar Buurman van Creeter in officieel Rijkspolitie tenue van destijds. Hij werkte jarenlang bij de politie in Den Haag en houdt de traditie levend. “Dit is een hobby. Ik heb ook nog een BMW uit 1979. Je hebt er geen hele schuur vol voor nodig om plezier te hebben. Twee motoren is genoeg. En zulke dagen als deze? Fantastisch. Je ontmoet gelijkgestemden én je laat erfgoed zien.”
Corvette en DS: jongensdromen
Tussen de glimmende wagens staat Michel Holland trots bij zijn witte Corvette C1 uit 1960. “Hij is ooit overgespoten, maar verder vrijwel origineel. Prachtig interieur, alsof hij uit de fabriek komt.” Toch gaat zijn hart ook sneller kloppen van een andere klassieker. “Ik heb een Citroën DS. Dat is een jongensdroom. De Gaulle overleefde ooit een aanslag omdat zijn DS op drie wielen doorreed dankzij het hydraulisch veersysteem. Technisch zijn die auto’s nog steeds ongeëvenaard.”
De Bentley van Ratelband
Een stukje verder schittert een imposante Bentley. Eigenaar Gert-Jan van den Bron vertelt met twinkeling in zijn ogen: “Ik rijd al mijn hele leven Rolls-Royce en Bentley. Dit is mijn derde, ooit nog van Emile Ratelband geweest. Als kind had ik er al een modelautootje van. Nu heb ik hem helemaal laten opknappen.”
Het onderhoud is geen sinecure. “Het is Engels, dus er brandt altijd wel ergens een lampje. Elke rit controleer ik olie. Poetsen doe ik met de hand, want er zit een keramische coating op. Hij komt bijna de garage niet uit, maar op een dag als vandaag mag hij shinen.”
Amerikaanse pick-ups
Niet te missen is de rij Amerikaanse pick-ups van de Old Pick-up Club POOK. Fred van Doorn legt uit: “We hebben zo’n 150 leden met auto’s ouder dan 1966. Vandaag mochten we een aparte plek innemen. Dat is leuk, want zo zie je de pick-ups mooi bij elkaar.” Het clubgevoel is belangrijk. “We organiseren toertochten, sluiten aan bij evenementen en geven technische tips. Veel leden sleutelen zelf. Origineel heeft zo’n pick-up een zescilinder die amper 80 haalt. Maar verbouw je hem met een V8 en stuurbekrachtiging, dan heb je een heel ander beest. Het is een virus: heb je er één, dan wil je er meer.”
Unieke Toyota
Niet alleen Amerikaanse en Europese klassiekers trekken bekijks. Danny Eckart uit Oudenbosch pronkt met een bijzondere Toyota Bibi. “In Nederland rijden er maar elf rond. Deze is uniek, want er zit een supercharger op. In plaats van 113 pk levert hij er 160. Voor zijn bouwjaar was het een moderne wagen: elektrische ramen, verwarmde spiegels… alles erop en eraan. Ik hou hem lekker voor mezelf, geen club of vereniging. Gewoon puur genieten.”
Meer dan auto’s
Naast de voertuigen was er volop vermaak. De nostalgische kermis, poffertjeskraam en de braderie trokken jong en oud. Muziek en dans maakten de sfeer compleet. Jos Schalk vat het nuchter samen: “We vragen geen entree, het festival moet laagdrempelig blijven. Het is een feest voor iedereen. Maar voor 2027 zoeken we wel versterking.























