Pastoraal hoekje: Zonen van de donder


BERGEN OP ZOOM - In het evangelie van aankomende zondag komen Jakobus en Johannes, niet zo fraai voor de dag. Zij vragen aan Jezus of zij naast Hem zullen mogen zitten in het Koninkrijk. De andere leerlingen nemen hen dat niet in dank af. Maar wat een herkenbare vraag, van twee herkenbare jongemannen.

Jakobus en Johannes worden eerder in het evangelie door de schrijver Marcus “Boanerges” genoemd. Dat betekent: zonen van de donder. Want Jakobus en Johannes zijn vissers, die gewend zijn om klare taal te spreken. In een storm op het meer kan je immers niet aankomen met beleefdheidsvormen – dan moet er gehandeld worden om het schip, de vis en de bemanning te redden. Daar ga je vanzelf direct door spreken. Ik herken mijn eigen temperament en dadendrang in hen. Maar vooral herken ik in hen het verlangen om heel dichtbij Jezus te willen zijn. Want komt hun vraag om in de hemel naast Jezus te mogen zitten niet eerder daar vandaan: “Wij hebben U nu gevonden, Messias, en wij willen voor altijd dicht naast U leven. Wilt U ook na dit leven voor ons zorgen?”

Dan is de vraag van Jakobus en Johannes geen vraag meer naar macht of haantje de voorste willen zijn, maar een vraag voor de ziel. 

Mogen wij net als Jakobus en Johannes heel dichtbij Jezus blijven, hier op aarde. Zodat het ons na dit leven ook gegeven zal worden om Hem van dichtbij te zien.

Pastor Fredi Hagedoorn.[n]