
Diamanten huwelijk van het echtpaar Biemans-Buijs
OUDENBOSCH - Zaterdag 30 augustus waren Hennie Biemans (87) en Riet Buijs (81) zestig jaar met elkaar getrouwd. Na een druk en werkzaam leven geniet het diamanten echtpaar nog elke dag van wat het leven voor hun in petto heeft. Locoburgemeester Thomas Melisse kwam - op de fiets! - namens de gemeente de felicitaties overbrengen.
DOOR JOHAN WAGENMAKERS
Ze komen allebei uit de Sint Maartenspolder bij Hoeven. “Riet komt van een boerderij uit de Langeweg en ik van een boerderij aan de Poldersdijk in de bocht bij de fietsbrug”, zegt Hennie. Hoewel ze elkaar al wat langer kenden, kregen ze verkering tijdens de bruiloft van een broer van Hennie. “Hij trok mij in de polonaise die naar buiten in de tuin liep”, weet Riet nog. “En we gingen pas later weer terug naar binnen”, lacht Hennie. Op 30 augustus 1965 zijn ze voor de wet in Hoeven getrouwd. “De kerkelijke inzegening was twee dagen later in Oudenbosch, omdat we parochieel daaronder vielen.” Het huwelijk heeft twee kinderen en vijf kleinkinderen voortgebracht. Sinds zes weken hebben ze een achterkleinkind. Met groot enthousiasme tonen ze een foto van de jongste telg. “We zijn trots op ons gezin hoor. Ze wonen allemaal in de buurt en komen regelmatig langs.”
Bloemkool
Jarenlang hebben ze de ouderlijke boerderij van Hennie in de Poldersdijk bestierd. “Mijn ouders hebben vroeger ‘groene sneeuw’ gezien. Die hebben geen gemakkelijke tijd meegemaakt met de crisisjaren en de oorlog. In 1938 is de boerderij zelfs geheel afgebrand. Ze konden me nog net uit de box pakken, anders had ik hier nu niet gezeten. Toen ik negen jaar was is mijn vader al op jonge leeftijd overleden”, vertelt Hennie. Omdat ze niks om koeien gaven zijn ze na vijf jaar huwelijk gestopt met melken en hebben ze deze weggedaan. “We zijn in de tuinbouw gegaan en hebben prei en vooral bloemkool geteeld. Later zijn we een bloemenkwekerij begonnen.” Vijfentwintig jaar geleden hebben ze de boerderij overgedaan aan hun zoon Henri. “We hebben van woning geruild en wonen nu in de Bornhemweg. Elke dag ging ik daarna nog wel naar de boerderij, maar bemoeide me niet meer met de bedrijfsvoering”, beweert Hennie.
Wijnfeesten
Het harde werken was voor beiden geen probleem. “Dat ging vanzelf. We hadden altijd veel plezier in het land en probeerden het gezellig te houden.” Tijd om te ontspannen werd sowieso vrigemaakt. “We hebben altijd veel gefeest en tot vijf jaar terug nog carnaval gevierd. Toen In Den Bocht nog een echt bruin café was kwamen we daar vaak en graag.” In de tijd dat Henri bij de amateurs fietste werden alle koersen waaraan hij meedeed aangedaan. “We gingen altijd mee. Dan sneden we vanaf vier uur in de ochtend bloemkool, brachten die om negen uur naar de veiling en konden op pad.” Pas na de zilveren bruiloft hadden ze wat meer tijd om op vakantie te gaan. “Dan gingen we met georganiseerde busreizen mee naar landen als Kroatië, Zweden, Frankrijk en Oostenrijk.” Menige fietstochtjes in de Betuwe, op de Veluwe en in de Achterhoek werden gedaan en een uitstapje naar de wijnfeesten aan de Moezel was jarenlang vaste prik. “Daar zijn we met vrienden wel twintig keer naartoe geweest. We hebben daar wat wijn gedronken hoor. In het begin reden we op de bonnefooi, kwamen bij een pension of hotel aan, parkeerden de auto, zetten de koffers af en gingen op stap. Een keer wisten we het pension ’s nachts niet meer te vinden en hebben we tot drie uur rondgelopen”, lachen ze luid.
Waterschap
Hennie had altijd al interesse in de plaatselijke politiek en wat er zich in de omgeving afspeelde. “Ik ben lid van de VVD geweest, zat in een buurtschap en heb twintig jaar in het dagelijks bestuur van het waterschap gezeten. Dat vond ik belangrijk omdat ik er woonde, werkte en de kost verdiende.” Fietsen, de tuin bijhouden en nog wat groentes telen zijn de voornaamste bezigheden van de echtelieden. “Zolang het kan blijven we dit doen. Fietsen gaat gelukkig nog, maar lopen gaat wat moeilijker. Wel gym ik nog steeds en ben al vijfenzestig jaar lid van wat vroeger de Jonge Boerinnenbond was en nu de Halderbergse Vrouwenvereniging heet”, aldus Riet.
Gefeest werd er bij Brasserie Overstag in Noordschans. “Een nicht van ons is daar samen met haar zoon en schoondochter eigenaar van.” Ze zijn tevreden en genieten nog volop. “W’ebbe mekaor altij goed verstaon, daor meuge we nie over klaoge.”[n]