
Nieuwe bezoekerscentrum maakt geschiedenis zichtbaar
BRABANTSE WAL - Tussen de twee militaire erevelden op de Brabantse Wal wordt de geschiedenis straks letterlijk zichtbaar. Waar nu nog de laatste werkzaamheden plaatsvinden, opent in mei het nieuwe bezoekerscentrum dat de verhalen achter duizenden graven moet vertellen. Niet alleen over de oorlog van tachtig jaar geleden, maar ook over wat die vandaag nog betekent.
DOOR SANNE BRUSSELAARS
“Mensen moeten weggaan met de gedachte: wat voor boodschap zit hier nou in? En hoe sta ik daarin?”, zegt voorzitter Giel Janssen van de stichting achter het project. Het bezoekerscentrum staat tussen het Canadese en het Britse ereveld bij Bergen op Zoom. Daar liggen ruim tweeduizend geallieerde militairen begraven die sneuvelden tijdens de bevrijding van Zuidwest-Nederland. Veel van hen kwamen om tijdens de Slag om de Schelde in 1944, een militaire operatie die cruciaal was voor het openen van de haven van Antwerpen en de verdere opmars van de geallieerden.
Minder bekend, maar cruciaal
Volgens Giel is die slag bij veel mensen minder bekend dan bijvoorbeeld Arnhem, terwijl de betekenis minstens zo groot was. “De Slag om Arnhem is bekender dan de Slag om de Schelde, terwijl die hier op de Brabantse Wal en in Nederland hartstikke belangrijk was.” Tijdens de gevechten kwamen duizenden geallieerde en Duitse militairen om het leven. Een deel van hen ligt op de erevelden in Bergen op Zoom begraven, samen met onder meer piloten uit verschillende landen. Het bezoekerscentrum moet die geschiedenis beter zichtbaar maken. Bezoekers krijgen bij binnenkomst eerst een korte introductie. Op een groot scherm wordt in enkele minuten uitgelegd wat er in de regio gebeurde tijdens de oorlog. “Daarin wordt in drie of vier minuten uitgelegd wat de Slag om de Schelde was en wie hier aan weerskanten op de erevelden liggen.”
Van grafsteen naar persoon
Daar blijft het niet bij. Het centrum richt zich vooral op de mensen achter de namen op de grafstenen. “Wie liggen hier nou? Wat hebben ze gedaan? Waar zijn ze gestorven? Dat is het belangrijkste verhaal.” In een speciaal onderdeel van de tentoonstelling, met gegevens van onder andere. Faces to Graves, worden soldaten uit de regio extra uitgelicht. Bezoekers zien foto’s en persoonlijke verhalen van militairen uit onder meer Bergen op Zoom, Steenbergen en Woensdrecht. Op menshoge zuilen verschijnen hun gezichten en levensverhalen. Zo krijgt de oorlog een persoonlijk gezicht, in plaats van alleen rijen witte grafstenen. Daarnaast komt er een digitale terminal waar bezoekers kunnen zoeken naar namen van slachtoffers. Van honderden militairen zijn inmiddels foto’s en achtergrondverhalen verzameld, al is het onderzoek nog volop gaande: “We hebben iets van 700 of 750 verhalen, maar er is nog veel meer bekend dan nu al op de website staat.” Het bezoekerscentrum wil niet alleen uitleggen wat er in 1944 gebeurde. Een belangrijk onderdeel is ook reflectie op het heden. In een aparte ruimte worden bezoekers geconfronteerd met morele dilemma’s die aansluiten bij thema’s uit oorlog en vrijheid. Aan tafels met vragen kunnen bezoekers met elkaar in gesprek gaan. “Je brengt het verleden naar het heden en hopelijk ook naar de toekomst.” Volgens Giel is dat juist nu relevant. “We zijn tachtig jaar verder, maar tachtig jaar is helemaal niet zo lang geleden.”
Vrijwilligers onmisbaar
Het centrum draait grotendeels op vrijwilligers. Inmiddels hebben zich al meer dan honderd mensen aangemeld. Een groep rondleiders gaat bezoekers over de erevelden begeleiden en uitleg geven over de geschiedenis van de plek. Zij moeten ook buitenlandse groepen kunnen ontvangen. “Die moeten in het Nederlands en Engels kunnen vertellen wat dit betekent en wie hier liggen.” Daarnaast zijn er gastvrouwen en -heren voor de ontvangst van bezoekers en vrijwilligers die het terrein onderhouden. Ook scholen spelen een belangrijke rol in de plannen. Basisschoolklassen uit de regio worden actief uitgenodigd om het centrum te bezoeken. "We hebben zeker de nadruk gelegd op leerlingen uit groep 7 en 8 van de basisscholen in de hele regio.” Voor hen komt er een educatieve ruimte waar klassen eerst uitleg krijgen voordat ze de erevelden op gaan.
Twee openingsmomenten
Het bezoekerscentrum opent op 19 mei voorlopig zijn deuren tijdens de internationale War Graves Week. Dat is een initiatief van de Commonwealth War Graves Commission, die wereldwijd militaire begraafplaatsen onderhoudt. De officiële opening staat gepland op 8 oktober. Tegen die tijd moet ook de buitenomgeving volledig zijn ingericht. Meer informatie staat op www.bcboz.nl. [n]

