
Weetjes van de Wal door de Brabantse Veldganger
Verbonden Wal
De Brabantse Wal is, wanneer je deze van bovenaf bekijkt, een langgerekte groene gordel. Op de meeste plaatsen heb je hemelsbreed zo’n 5 à 6 kilometer nodig om van de kleipolder in het westen tot over de laatste stuifduin in het oosten te lopen. Zou je kaarsrecht door kunnen lopen, dan ben je bijvoorbeeld 6 kilometer onderweg vanaf café Non Plus Ultra tot aan de Tiestenduin bij Huijbergen. Al kun je dat beter andersom doen uit oogpunt van de inwendige mens.
Je bent dan overigens vanaf zeespiegelniveau tot 20 meter gestegen om te eindigen op circa 15 meter boven NAP. Het smalste punt van de Wal verbindt het westen met het oosten door middel van een flinke plak asfalt. Je mag er alleen niet op rijden, tenzij je je pilotenbrevet hebt en je auto twee vleugels heeft. De landingsbaan heeft onbedoeld de Wal op dit punt in tweeën gedeeld, ook al huisvest de basis overigens zelf genoeg interessante natuur. De lopende natuur moet hier dus links en rechts een weg omheen vinden, willen ze kunnen migreren van noord naar zuid en vice versa. Ik zeg bewust lopend, want vliegende natuur heeft hier niet zo’n last van, zolang ze uit de straalmotoren blijven. Die omwegen, vanwege allerlei infrastructuren, worden door terreineigenaren en overheden ingericht als zogenaamde ‘ecologische verbindingszone’, een weg van A naar B voor de doelsoorten die dat nodig hebben. Om natuur echt robuust en weerbaar te maken, zijn eigenlijk grote oppervlaktes nodig en dat is een uitdaging in ons drukke land, vandaar dat er is afgesproken om natuurgebieden met elkaar te verbinden via het zogenaamde Natuurnetwerk. Je kunt je natuurlijk afvragen waarom al die beesten nu perse van noord naar zuid moeten, maar feit is dat dat natuurlijk gedrag is. Denk maar eens aan beelden van die 1.5 miljoen(!) gnoes die maar op trek blijven en daarbij iedere keer weer voor die rivier met krokodillen komen te staan. Je zou denken, wees snugger en blijf op je plek, maar migratie is voor veel soorten een pure overlevingstactiek. Het natuurnetwerk zorgt daarnaast voor de uitwisseling en uitbreiding van soorten en genen. En dat is weer goed voor de biodiversiteit!
Dit was het weer!
Tot de volgende keer.
Met groet,
De Brabantse Veldganger