Vlnr: Renzo Kaas en Roland Kaas
Vlnr: Renzo Kaas en Roland Kaas Foto: Wies van Erp

Renzo, neem ons mee naar het begin. Hoe is Coby Verhuur ontstaan?

Renzo: “Het is een bijzonder verhaal. Wij woonden in Dordrecht, nadat mijn ouders vanuit Zeeland naar boven de rivieren verhuisden. Ik ben nog net bij Breda geboren, maar in Dordrecht kwamen regelmatig kennissen over de vloer die actief waren in het verhuren van tenten en kachels destijds voor beurzen. Die zeiden: ‘Dat is later iets voor jullie kinderen, vloerbedekking verhuren.’”

“Als jonge kinderen begrepen we dat natuurlijk niet helemaal, want vloerbedekking verhuren klinkt nog steeds raar als je het aan mensen vertelt. Maar zo gezegd, zo gedaan. Mijn ouders hadden een Opel Kadett en een aanhanger en kochten toen 350 m² tapijttegels (50x50 cm). Vroeger het standaardformaat, met varkenshaar erin, echt ouderwets spul.”


Waar komt de naam ‘Coby’ vandaan?

Renzo:  “Van mijn ouders. Mijn vader heet Ko, mijn moeder Coby. Mijn moeder was trouwens één van de eerste vrouwen op de beursvloer, en sommige standbouwers wisten daar in het begin niet goed mee om te gaan. Dan zei er iemand: ‘Zet dat ding eens opzij,’ doelend op een steekwagentje vol tapijt van bijna 120 kilo. En dan zei zij: ‘Kun je dat zelf toch ook even?’ En dan zag je die mannen trekken, maar het lukte hun niet. Want het is toch een bepaalde ‘pak’, die had zij wel. En dan zette zij het zo weg. Ze stond daar echt haar mannetje.”


Roland, hoe zou je de groei van het bedrijf omschrijven?

Roland:  “Exponentieel. Als je het terugrekent, verdubbelde het bijna elk jaar. Van 350 m² naar 600, 1.200, 2.400, 5.000, 10.000, 20.000 m² en uiteindelijk 50.000 m² beursvloeren. Dat zijn aantallen die je niet meer met een staalborstel en een sopje schoonmaakt.”


Renzo:  “Klopt. We begonnen in 1976 en bestaan nu dus 50 jaar. Maar de eerste jaren konden we er niet eens van leven. Het was echt een hobbybedrijf. In de winter gingen we zelfs kerstbomen omzagen om wat bij te verdienen. Pas toen de vraag naar beurzen en evenementen toenam, konden we professionaliseren.”

“Onze eerste echte bedrijfslocatie was een barak in Sprundel, 50 m², niet groter dan een woonkamer. En alles werd toen nog met de hand schoongemaakt. Tot we een oude schuurmachine met borstels en een lopende band ombouwden tot onze eerste tapijtreinigingsmachine. Dat was echt een doorbraak. Je moet namelijk een tegel vasthouden terwijl die door de borstels gaat, anders schiet ’ie weg. Dus bouwden we een systeem met kegels, een staalrol en tempeltjes om de tegel te stabiliseren. Het was pionieren, maar het werkte.”


Wanneer kwam de stap naar een grotere locatie?

Renzo:  “Halverwege de jaren ’80. In 1985 kochten we onze eerste loods in Oudenbosch (1.000 m²) aan de Bosschendijk. Daar stonden twee vrachtwagens, meubels aan één kant, tapijt aan de andere. Later hebben we op een ander adres aan de Bosschenijk nieuw gebouwd, inclusief kantoor en woning voor mijn broer.”

“Maar zelfs dat werd weer te klein. Uiteindelijk trokken we alles door tot aan de straat, voegden we het huis bij het bedrijfspand en bouwden we voor Han een nieuwe woning. Totdat we verhuisden naar Hoeven, aan de Hoge Akker, het voormalige pand van Jan de Rijk. Een logistiek pand met laaddocks, iets waar ik in het begin niet enthousiast over was, want ik dacht: ‘Dat is altijd zo’n put vol water.’ Maar nu zien we het voordeel ervan: veel sneller laden en lossen en logistiek gewoon slimmer ingericht.”


Jullie noemen het steeds: familiebedrijf. Maar hoe belangrijk is die familieband?

Renzo:  “Enorm belangrijk. We hebben moeilijke tijden meegemaakt, de oliecrisis, bankencrisis en de coronacrisis. Dan merk je pas wat familie betekent. Bij veel bedrijven is het: investeerder eruit, stekker eruit. Wij keken elkaar aan en waren vastbesloten ons bedrijf niet na al die jaren op te geven. Ook bij ons kwam de ene na de andere annulering binnen.”

“Tijdens corona heb ik samen met mijn broer Han 2,5 jaar mantelzorg gedaan voor mijn vader. Dat viel precies samen met een rustige periode in het bedrijf. ‘Het klinkt lullig,’ maar qua timing was het zo. Daardoor konden we als familie voor elkaar zorgen én het bedrijf overeind houden.”

“We zitten er nu met z’n vieren in. Ik en Han zijn momenteel nog directie, maar dragen dit stukje bij beetje over aan de kinderen van Han, mijn neefjes Roland en Jeroen. De vier kazen: quattro formaggi zeggen we altijd met een knipoog”


Roland, jij bent opgegroeid met die familie-mentaliteit. Hoe heb jij dat ervaren?

Roland: "Vanaf mijn veertiende werkte ik al mee, net als mijn broer Jeroen. Als we vroeger om zakgeld vroegen, dan zei onze vader: ‘Prima, kom maar stoelen poetsen.' Dus we begonnen helemaal onderaan: stoelen poetsen, tapijt schoonmaken, vrachtwagens laden. Vanaf ons achttiende als chauffeur naar de evenementen. Ik kom uit een commerciële hbo-studie, en mijn broer is registeraccountant, maar wel één met de voeten in de klei. We zijn niet bang om zelf nog te sjouwen, maar kunnen ook strategisch denken over de toekomst.”


Bij welke grote evenementen is Coby Verhuur betrokken geweest?

Roland: “Naast de vele vak- en consumentenbeurzen en congressen door heel Europa, die wij jaarlijks inrichten met vloerbedekking- en meubilair, zijn we ook betrokken bij een groot aantal grootschalige festivals, evenementen en nationale projecten. Denk aan Pinkpop, North Sea Jazz, de Formule 1 in Zandvoort en Spa Francorchamps, maar ook de NAVO-top in Den Haag en de landelijke telling van de Tweede Kamer-stemmen. Dat zijn eigenlijk geen ‘evenementen’ meer, maar complete tijdelijke complexen met strikte richtlijnen, hoge logistieke eisen en zware securityscreenings. Alles moet tot in detail kloppen. bij dat soort projecten leveren wij honderden tafels, duizenden stoelen en duizenden vierkante meters tapijt voor telruimtes, backstage-omgevingen, lounges, cateringzones en VIP-inrichtingen.”


Renzo: "Dat klopt. Bij de Formule 1 zijn we vanaf de eerste editie betrokken geweest als leverancier, tot en met de laatste editie die volgend jaar gepland staat. Het circuit zelf beschikt over vaste faciliteiten, maar om een evenement van dit niveau neer te zetten zijn er veel extra tijdelijke ruimtes nodig. Daar komt onze expertise om de hoek kijken. Tapijt beneden, tapijt boven, alles moet strak, overzichtelijk en logistiek perfect gepland zijn.”


Als je terugkijkt, wat hoop je dat de nieuwe generatie meeneemt?

Renzo: "De drive om het werk persoonlijk te blijven doen, de kwaliteit te borgen en de menselijke aanpak niet te verliezen. AI kan ons helpen met content, beurs-overzichten en backoffice, maar het fysieke werk zal nooit verdwijnen. Dat moeten mensen blijven doen. Als de nieuwe generatie AI slim inzet als hulpmiddel, niet als vervanging, dan kunnen ze de toekomst aan.”


Roland: “Wij staan klaar. De derde generatie draait inmiddels de zaak. Mijn opa en oma hebben dat niet meer kunnen meemaken, maar ik weet zeker dat ze trots zouden zijn. Dat gevoel dragen wij elke dag mee.”


Met wie zouden jullie ooit nog eens aan de keukentafel willen zitten?

Renzo:  “Met mijn ouders. Onze moeder is het bedrijf samen met mijn vader gestart en heeft later gezien hoe het uitgroeide. Maar we hadden haar graag willen laten zien hoe de derde generatie klaarstaat, met nieuwe ideeën en dezelfde liefde voor het vak. Ze zou apetrots zijn geweest. En dat weten we, ook al is ze er niet meer om het te zeggen.”


Roland: “Ik sluit me daar volledig bij aan. Voor mij zit dat niet alleen in wat het bedrijf vandaag is, maar vooral in waar het naartoe gaat. Om samen aan de keukentafel te kunnen vertellen dat we nog steeds bouwen op dezelfde waarden waarmee zij ooit zijn begonnen, en dat die doorgegeven is aan een nieuwe generatie. Dat gesprek hadden we graag nog eens gevoerd.”[n]


DOOR WIES VAN ERP

Vlnr: Renzo Kaas, Roland Kaas
Afbeelding