Afbeelding
Foto: Hanneke Marcelis

Al 26 jaar staat Arend van Maaren aan het roer van platenzaak Velvet Music in Breda. Wat begon als een zaterdagbaan groeide uit tot een levenswerk. Hij zag de opkomst van streamingsdiensten, de neergang van fysieke muziek, economische crises en uiteindelijk de wederopstanding van vinyl. “Het heeft echt wel bijna mijn nek gekost,” zegt hij eerlijk. “Maar stoppen? Dat wilde ik gewoon niet.”


Wanneer begon jouw verhaal bij Velvet Music eigenlijk?
“Officieel sinds 2000 als eigenaar. Vorig jaar bestonden we dus 25 jaar onder mijn leiding. Maar ik werkte daarvoor al sinds 1988 in de winkel, toen die nog Bullit heette. Ik ben daar begonnen toen ik uit dienst kwam. Ik wilde eigenlijk journalistiek studeren, maar ik werd telkens uitgeloot. In de tussentijd kon ik bij Bullit gaan werken, eerst als zaterdaghulp en wat extra uurtjes. Dat werd steeds meer. Werken in een platenzaak voelde echt als een droombaan. Op een gegeven moment werd ik alsnog ingeloot voor journalistiek, maar toen werkte ik al een jaar in de winkel. Ik dacht alleen maar: dit vind ik veel te leuk. Dus ik ben gebleven.”


Je bent uiteraard een groot muziekliefhebber. Maar muzikant worden zat er niet in?
“Nee, ik ben totaal niet muzikaal. Dat terwijl mijn ouders beiden muziek speelden en mijn broer ook muzikaal is. Ik ben daardoor wel opgegroeid in een huis waar veel muziek was. Mijn ouders draaiden veel The Beatles en dat soort muziek. En vroeger keek ik als kind natuurlijk naar Toppop. Muziek is altijd belangrijk voor me geweest. In de jaren tachtig ging ik mijn eigen smaak ontwikkelen. Dat werd meer New Wave. Ik draaide ook als DJ in een kroeg waar dat soort muziek werd gedraaid. Dat was echt de tegenhanger van de Top 40. Maar als je eenmaal in dit vak zit, ga je bijna alles wel waarderen. Ik luister echt breed. Metal vind ik bijvoorbeeld ook leuk, al koop ik dat zelf niet snel.”


Wat maakte het werken in een platenzaak zo bijzonder?
“In het begin ben je gewoon verkoper. Maar later komen mensen echt voor advies. Dat is het leukste wat er is. Dat je iemand een plaat laat ontdekken die hij nog niet kent. En toen ik eigenaar werd, kwam daar inkopen bij. Dan bepaal je wat er in de winkel ligt. Dat vind ik nog steeds geweldig.”


Was het ondernemerschap altijd al een droom?
“Ja, maar het kwam ook toevallig op mijn pad. De eigenaar van Bullit verkocht de zaak aan Velvet Music, en via Velvet kreeg ik de kans om mede-eigenaar te worden. Ik kon ergens geld lenen en dacht: als ik dit nu niet doe, krijg ik die kans nooit meer. Onderdeel zijn van Velvet Music, er zijn er elf in Nederland, heeft voor mij veel voordelen. We werken samen onder dezelfde naam en leveranciers zien ons als één concern. Daardoor kunnen we gezamenlijke acties doen. Maar het is geen ‘standaard’ franchiseformule. Iedere winkel heeft volledig zijn eigen karakter. Niemand bepaalt van bovenaf wat je moet draaien of verkopen. Iedere Velvet ziet er anders uit.”


Wat is het muziekkarakter van Breda?
“Breda is altijd wat meer mainstream geweest. Dat klinkt misschien negatief, maar voor mij is dat juist een redding geweest. Vroeger zouden we bij Bullit nooit aan artiesten als Billie Eilish of Taylor Swift hebben gedacht. Nu verkopen we dat met alle plezier. Niet alleen vanwege het geld, maar ook omdat het gewoon leuk is om die kopers blij te maken. En dankzij die grote artiesten kunnen we ook de kleinere, moeilijkere muziek blijven inkopen waar je misschien maar drie platen per maand van verkoopt.”


Er zijn toch ook momenten geweest dat je dacht: dit houdt op?
“Zeker. Echt meerdere keren. Ik heb serieus overwogen om te stoppen. Ik kon zelfs ergens anders gaan werken want er lag min of meer een baan voor me klaar. Maar ik wilde gewoon niet stoppen. Dit is mijn kindje. Maar dat neemt niet weg dat er echt enorm moeilijke jaren zijn geweest. De Haven lag open bij onze oude locatie in de Tolbrugstraat, daarna kwam de economische crisis, de opkomst downloaden en Spotify. Het heeft echt wel bijna mijn nek gekost. Toen ik met de zaak verhuisde had ik ook huurschuld. Gelukkig had ik een huurbaas die begripvol was. Maar de verhuizing was wel echt een soort laatste redmiddel. En gelukkig heeft dat heel goed uitgepakt.”


“In februari 2020 verhuisde de winkel van de Tolbrugstraat naar de Houtmarkt. In eerste instantie dacht ik: veel te duur, veel te spannend. Maar ik besefte ook dat dit misschien mijn laatste kans was om de winkel nieuw leven in te blazen. We waren er een maand open toen corona kwam. Toen dacht ik echt: dit is het einde. Maar toen corona voorbij was en de winkel weer open mocht, stegen de verkopen eigenlijk meteen. Sindsdien zitten we alleen maar in een stijgende lijn. Dat is iets wat ik zelf ook nooit had verwacht. 


Van bijna failliet naar recordomzetten. Hoe kreeg je dat voor elkaar?
“Het is een combinatie van factoren geweest. De verhuizing is een enorm belangrijke factor geweest. Mensen lopen makkelijker binnen en weten ons beter te vinden. Het personeel maakt de winkel ook sterker. Ik heb geweldige, jonge medewerkers die ieder hun eigen muzieksmaak hebben. Een collega weet veel van metal, een ander juist van popmuziek. Daardoor vullen we elkaar goed aan.


Wat verder belangrijk is geweest, is natuurlijk dat vinyl gewoon ontzettend populair geworden. En ook de verkoop van CD’s is gestabiliseerd. Mensen willen weer iets fysieks. Je hebt iets in handen. Als je een plaat opzet, ga je echt luisteren. Dat is anders dan streamen. Ik zeg ook weleens: je weet later niet meer wat je eerste stream op Spotify was, maar je weet vaak nog wel wat je eerste lp was.”


Jongeren spelen daarin een grote rol?
“Enorm. Vroeger zag je het klantenbestand vergrijzen. Nu is het op vrijdagmiddag wanneer de nieuwe releases uitkomen altijd druk in de winkel en het grootste deel van de klanten bestaat dan uit jongeren. En het mooie is: jongeren luisteren tegenwoordig veel breder. Vroeger hoorde je bij één stroming. Nu koopt iemand net zo makkelijk Taylor Swift, Fleetwood Mac én Metallica.”


Hoe kijk je nu naar de toekomst?
“Eigenlijk durf ik niks meer te voorspellen. Vorig jaar was ons beste jaar ooit. Dit jaar gaan we daar alweer overheen. Zelf ben ik natuurlijk 62. Hoe lang ik nog doorga? Daar heb ik zelf ook geen antwoord op. Maar wie een goedlopende platenzaak wil overnemen mag me over vijf jaar best eens bellen, haha.”


Met wie zou jij zelf nog eens aan de keukentafel willen zitten?
“Freddie Mercury. Queen was voor mij het begin van alles. Mijn moeder vond dat ook geweldig. We gingen vroeger met het gezin naar een concert in Ahoy. Ik was dertien en zat helemaal bovenin, maar ik vond het fantastisch.”[n]


DOOR HANNEKE MARCELIS

Afbeelding