
Doek valt voor supermarkt Super Dichtbij in Zegge
Door: Addo Sprangers AlgemeenZEGGE - Na bijna drie decennia komt er een einde aan een vertrouwd gezicht in het dorpscentrum: supermarkt Super Dichtbij in Zegge sluit op 30 september definitief haar deuren. Eigenaar Marcel Bouman, die de zaak sinds 1997 runt en sinds 2011 in het huidige pand aan het Onze Lieve Vrouweplein zit, nam de moeilijke beslissing om te stoppen. “Ik draai al zolang mee, dit voelt als een afscheid van een tijdperk. Maar ik kan niet meer verantwoord investeren zonder enig perspectief.”
Volgens Marcel Bouman stapelden de problemen zich de afgelopen jaren op. “Er zijn drie nieuwe supermarkten bijgekomen in de regio: Albert Heijn en Aldi pal naast de A58 en Boon’s Dagmarkt in Bosschenhoofd. Dat snijdt direct in je klantenbestand,” verklaart hij. “We zitten gewoon in een klein dorp. Er is maar een beperkt aantal inwoners en klanten. Als de klandizie dan verdeeld wordt over meer winkels, hou je minder over.” Een tweede klap kwam met het verbod op tabaksverkoop in supermarkten. “Dat was voor ons een stabiele bron van omzet. Sinds dat weggevallen is, merk ik het dagelijks in de cijfers,” zegt Bouman. Maar de zwaarste teleurstelling noemt hij het uitblijven van woningbouw in Zegge-Oost. “Sinds 2009 praten we erover dat daar gebouwd zou worden. Maar tot op de dag van vandaag is er niets gebeurd.”
Bouman trok in de loop der jaren regelmatig aan de bel en probeerde via meerdere gesprekken met de Gemeente Rucphen zijn zorgen onder de aandacht te brengen. Tevergeefs. “Ik ben daar heel open over geweest,” meldt hij. “Zonder nieuwe woningbouw komt er geen aanwas van klanten. En zonder meer klanten is het onverantwoord om te investeren in nieuwe koelinstallaties en ovens die aan de steeds strengere milieueisenmoeten voldoen.” Die investeringen zijn overigens aanzienlijke bedragen. “Je praat al snel over enkele tonnen,” legt Bouman uit. “En dan moet je als ondernemer rationeel zijn: kan ik dat nog terugverdienen? In de huidige situatie is dat antwoord helaas nee.” De sluiting betekent ook het einde van de werkgelegenheid voor vier vaste medewerkers en vier zaterdaghulpen. Daarnaast vervalt een belangrijke ontmoetingsplaats voor veel inwoners. “We zijn niet alleen een winkel, we zijn ook een plek voor sociaal contact, zeker voor ouderen,” vertelt Bouman. “Ik ken klanten die drie keer per dag langskomen. Niet alleen voor de boodschappen, maar vooral ook voor een praatje en contact. Die raken lichamelijk én sociaal iets kwijt.”
Bouman benadrukt dat hij altijd hoopte met de winkel zijn oude dag veilig te stellen. “De insteek was om door te gaan tot mijn pensioen. Maar onder de huidige omstandigheden is dat niet realistisch. Dit besluit doet pijn, maar nog vijf jaar doormodderen zonder toekomst heeft ook geen zin.” Opmerkelijk is dat de lokale VVD-fractie onlangs nog vragen stelde in de gemeenteraad over de sluiting. Bouman reageert daar sceptisch op en noemt het mosterd na de maaltijd. “De problemen zijn al jarenlang bekend. En laat diezelfde VVD niet vergeten dat zij zelf in het college zat toen het bestemmingsplan werd aangepast, waardoor meer supermarkten werden toegelaten. Dus ik was er eigenlijk wel verbaasd over dat er nu vragen worden gesteld. ‘De verkiezingen komen er weer aan’, denk ik dan.” Wat de toekomst brengt voor Bouman is nog onduidelijk. “Ik ben 57. Sinds 1997 heb ik zes dagen per week keihard gewerkt. Ik vermoed dat het tijd wordt om het iets rustiger aan te doen. Maar eerlijk gezegd: ik weet nog niet precies wat ik hierna ga doen.”
Marcel Bouman verwacht dat zijn situatie geen uitzondering zal blijven. “Ik voorspel dat meer buurtsupers de komende jaren hun deuren sluiten. Ze zitten allemaal in hetzelfde schuitje. De kosten lopen op, de regels worden strenger en gemeenten geven vaak niet thuis. Kleine zelfstandigen trekken dan aan het kortste eind.” De definitieve sluitingsdatum ligt rond half september, wanneer zijn huurcontract afloopt: op 30 september levert Bouman officieel de sleutels van het pand in. “Ik heb mijn gevoel maar even moeten uitschakelen en er puur zakelijk naar gekeken, maar het is en blijft een hard gelag. Ook voor het personeel.”