
De ooievaar van dichterbij bekeken
RUCPHEN - Je hebt vast weleens een ooievaar zien overvliegen of hoog op een paal zien zitten.
De ooievaar is een trekvogel. Hij overwintert in het warme zuiden om in het voorjaar terug te keren en hier te broeden. De eerste ooievaars komen in februari al terug; dit zijn de vogels die dichtbij hebben overwinterd. De grote groep keert pas in maart en april terug.
Midden jaren zeventig was de ooievaar zo goed als verdwenen uit Nederland. Dat er weer ooievaars rondvliegen, is vooral te danken aan vrijwilligers die sinds 1969 hebben gewerkt aan de herintroductie van de soort. In dat jaar werd in het Liesveld bij Groot-Ammers gestart met een fokprogramma met ooievaars uit diverse landen.
Tegenwoordig zijn er weer uitstekende natuurgebieden om de ooievaar tegen te komen. Speciale broedgebieden en nestpalen zorgen ervoor dat de populatie kan groeien. Inmiddels is de ooievaar uit de gevarenzone en neemt het aantal broedparen nog steeds toe.
Zelfs in Rucphen heeft er in 2022 en 2023 een ooievaar gebroed op een nestpaal.
In het Markdal bij Breda vestigde zich in 2012 een koppel ooievaars. Sinds 2017 broeden er in andere plaatsen in die regio verschillende ooievaars. In 2025 werden er negen nesten geteld en in totaal werden 21 jongen grootgebracht.
Zoals bij alle vogels is het belangrijk dat er gevarieerd en voldoende voedsel aanwezig is.
Ooievaars zoeken voedsel in de nabijheid van het nest, in vochtige gras- en hooilanden en langs slootkanten. Al lopend door het gras speuren ze naar allerlei hapjes.
Ze eten vooral kikkers, muizen, mollen en insecten. Ook profiteren ooievaars van menselijke activiteiten zoals landbouw. Het ploegen van velden brengt regenwormen en ander klein gedierte naar de oppervlakte.
Ook in onze regio zien we de laatste jaren steeds vaker ooievaars.
Het is en blijft een mooie waarneming.
Ad Goorden.[n]