Afbeelding
Foto: Olaf Knook

Tony en Jannie, leg uit. Hoe zijn jullie fitnessondernemers geworden?

Tony: “Voor mij begon dat twintig jaar geleden. Ik ben twee keer wereldkampioen powerliften geworden en trainde voor wedstrijden in Bergen op Zoom. In die tijd hielp ik de eigenaar van een sportschool met het opzetten van een nieuwe locatie in Putte, waar ik ook ging werken. Maar omdat ik in Sint-Maartensdijk woonde, ging ik op een gegeven moment dichter bij huis trainen. Mensen vroegen me toen al steeds om advies. Hoe moet ik trainen? Wat werkt wel en niet? Samen met mijn wedstrijdcoach Arjan besloten we toen de sportschool in het dorp over te nemen. Zo is Fitnesscentrum Bodyzone ontstaan. Jannie was toen nog niet in beeld.”


Jannie: “Ik begon hier zelf met trainen en werd verliefd op Tony. Inmiddels zijn we dertien jaar samen. Van het één kwam het ander en uiteindelijk ben ik vanaf de coronaperiode mee gaan helpen in de sportschool."


Heeft de sportschool al die tijd aan de Nijverheidsweg gezeten?

Tony: "Ja, vanaf het begin. Het pand heeft drie verdiepingen. De vorige eigenaar woonde boven de sportschool en daarboven zaten nog kantoren. Hij begon met ongeveer tien apparaten op een paar vierkante meter en zo'n zeventig leden. Na de overname zijn Arjan en ik flink gaan uitbreiden. Door ons netwerk trok de sportschool nieuw publiek aan en werd het steeds drukker. Mensen kwamen niet alleen meer van het eiland, maar ook uit Bergen op Zoom, Halsteren en Roosendaal. Inmiddels hebben we ongeveer 500 à 600 leden, meer dan honderd apparaten en een kickbokszaal met ring.”

Nu doen jullie de sportschool met z'n tweeën. Waar is Arjan?

Tony: “Arjan is tijdens de coronatijd gestopt. Toen zat ik echt met mijn handen in het haar, maar gelukkig kwam Jannie erbij. Door haar kreeg de sportschool een nieuwe uitstraling. Ze zei bijvoorbeeld: we moeten een muur roze verven en de bloempotten zwart maken. Ik dacht eerst: wat maakt het uit? Maar door haar ideeën werd de sportschool diverser. We focussen ons nu ook niet alleen op krachttraining, ook andere groepen mensen zijn hier welkom. Arjan sport trouwens nog steeds bij ons.”


Jullie zijn bewust tussen 13.00 en 16.00 uur gesloten. Waarom?

Tony: "Dat is puur praktisch. Ik werk ’s ochtends tot 15.00 uur als zzp’er bij een timmerbedrijf en neem daarna vanaf 16.00 uur de sportschool over van Jannie. Dan werk ik door tot 21.30 uur. We zijn elke dag van het jaar open, behalve met kerst en oud en nieuw.”


Het lijkt me dan lastig om werk en privé goed gescheiden te houden.

Tony en Jannie: “Vrije tijd hebben we eigenlijk niet. We zijn altijd met de sportschool bezig. Met drie kinderen kan dat soms intensief zijn. We willen eigenlijk meer tijd voor ons gezin vrijmaken en dat zet je echt aan het denken. Dan besef je: keuzes maken en gezondheid staan voorop. Je weet nooit wat de volgende dag brengt. Gelukkig kunnen Jannie en ik uitstekend samenwerken. We zijn echt twee handen op één buik.”


Hoe houden jullie toch de motivatie vast om dit al jaren te blijven doen?

Tony: "Dat wordt eerlijk gezegd steeds lastiger. Voor mij is dit altijd een hobby geweest. Alles wat we verdienen, investeren we terug in de sportschool. We hoeven er niet direct van te leven, omdat ik ook nog ander werk heb. Dat heeft ons ook door de coronaperiode geholpen: we waren toen elf en een halve maand dicht. Zonder spaarpotje hadden we dat niet gered.”


Jannie: “Voor mij voelt het vooral anders dan vroeger. Toen ik hier dertien jaar geleden binnenkwam, was het veel socialer. Nu zit iedereen vaker in zijn eigen bubbel, met oortjes in en op hun telefoon, gefocust op de training. Het is soms een uitdaging om het plezier erin te houden.”

Wat maakt Bodyzone anders dan andere sportscholen?

Tony: “Het zit 'm echt in het persoonlijke. We kennen hier iedereen bij naam. Dat klinkt misschien simpel, maar tegenwoordig is dat best bijzonder. Mensen komen hier niet alleen om te trainen, maar ook voor de sfeer. Zo hebben we iemand die drie keer per week uit Bergen op Zoom komt, terwijl hij daar letterlijk naast een sportschool woont. Trainen kun je overal, maar het gevoel eromheen maakt het verschil. Ik heb hier ook jongens rondlopen die ik nog ken van dertig jaar geleden, toen ik zelf in Brabant trainde. Dat is een loyaliteit die je tegenwoordig minder ziet. Bij de jongere generatie merk je dat het vaak anders gaat: zodra ergens iets nieuws opent, zijn ze sneller geneigd over te stappen. De vaste groep die we hebben, blijft wel. Dat is ook de basis van onze sportschool. We hebben zelfs een muur met zwart-witfoto’s van mensen die hier getraind hebben en inmiddels overleden zijn. Dat soort dingen maakt het persoonlijk.”


Fitness influencers op social media zijn de laatste jaren in opkomst. Hoe kijken jullie naar die invloed op mensen?

Tony en Jannie: “Het heeft twee kanten. Aan de ene kant is het heel goed voor de sport. Vijftien jaar geleden viel je nog op als je fanatiek met krachttraining bezig was. Dan stond je in de kroeg en waren er maar een paar jongens die serieus trainden. Dan viel je op. Maar nu doet bijna iedereen wel iets aan fitness. Het is geen hype meer en social media heeft daar zeker aan bijgedragen. Maar er zit ook een keerzijde aan. Iedereen kan tegenwoordig iets online zetten en doen alsof hij er verstand van heeft. Je ziet iemand die er goed uitziet, en mensen denken meteen: dat zal wel kloppen wat hij zegt. Maar zo werkt het natuurlijk niet. Toch merken wij ook de voordelen. Mensen raken via social media geïnteresseerd in fitness en stappen uiteindelijk bij ons binnen. Op die manier helpt het ons zelfs om nieuwe leden te bereiken.”


Hoe zien jullie de toekomst van de sportschool voor zich?

Tony en Jannie: "Ik denk dat dit soort ‘old school' sportscholen steeds zeldzamer worden. Het wordt steeds moderner. maar uiteindelijk verandert de basis niet. Een oefening blijft een oefening. Of je nou op een splinternieuw apparaat zit of op een ouder toestel: de beweging is hetzelfde. Het gaat erom dat je traint, dat je sterker wordt, dat je bezig bent met je lichaam. Bij ons draait het om die kern. En dat spreekt ook een bepaald publiek aan. We hebben ook Duitsers, Polen en Oekraïners en die vinden dit fantastisch. Ik denk ook dat dat onze kracht blijft.”


Slotvraag: Met wie willen jullie zelf een keer aan de keukentafel zitten?

Tony: "Met de opa van Jannie. Hij is vorig jaar overleden. We hadden een hele goede band met hem.”


Jannie: "Mijn vader. Ik zou hem graag nog eens willen vragen of hij trots op ons is. Hij was echt een feestbeest, maar is vijf jaar geleden overleden.”[n]


DOOR OLAF KNOOK

Afbeelding
Afbeelding