Kristallnacht 2005, Marja Heerkens. FOTO JAN VAN GURP
Kristallnacht 2005, Marja Heerkens. FOTO JAN VAN GURP (Foto: Jan van Gurp)

Kristallnacht geeft blik naar binnen gekeerd

  Column

'Vol is vol', debiteerde Premier Colijn


BREDA - Kristallnacht in Duitsland in 1938. "Vol is vol". Het was ons onmogelijk, volgens Colijn, nog meer Joodse Vluchtelingen op te nemen.

DOOR RINIE MAAS

Achteraf een verbijsterende kwestie. Burgemeester B.W. Th. van Slobbe is veel verweten (De Vlucht); teveel! Gemeentesecretaris Van den Dam: "Burgemeester zijn in oorlogstijd was geen gemakkelijke baan. Een job tussen ontslag nemen (heldendom) en lafheid (collaboreren), wat meestal uitmondde in 'schipperen'. Van Slobbe was een type ' schipperaar'. Binnen die context verzette hij zich fel tegen de Jodenhater Driessen. En hij plande met zijn buurman Samuël, voorzitter van de Joodse raad, wat hij doen kon om zijn beslissingen voor de Joodse ingezetenen zo gunstig mogelijk te laten uitvallen.

Stoïcijns

Hoe was het inzicht landelijk? Niet iedereen werd in dit land met erbarmen toegelaten na de eerste tekenen dat de nazi's het op de Joden gemunt hadden. In heel Duitsland werden in de nacht van 9 op 10 november 1938, precies 80 jaar geleden, Joden aangevallen. De ruiten van winkels werden ingegooid en synagogen werden in brand gestoken. De brandweer werd verboden uit te rukken. De zondebok had Joseph Goebbels aangewezen. Het was het eerste duidelijke en openlijke fascistische geweld tegen de Joden. Maar kijken we terug dan lijkt Nederland tamelijk stoïcijns te blijven. Het keert de blik naar binnen. Niet iedereen heeft "De eeuw van mijn vader" van Geert Mak gelezen.

Gevoelloos

"De meeste Nederlanders hadden een grote afkeer van Hitlers Jodenvervolging, maar zagen het in de eerste plaats als een probleem van de joodse gemeenschap zelf. Hoewel de situatie in Duitsland steeds dreigender werd en aan de Nederlandse grenzen de wanhoop zich opstapelde, liet de regering jaarlijks niet meer dan zevenduizend (!) joodse vluchtelingen toe. Nederland met nog tien miljoen inwoners, zou anders 'te vol worden', zo verklaarde premier Colijn. En hoewel hij de genocide op de joden niet kon voorzien volgt gevoelloos een ronduit hartvochtige aanvulling: "Bovendien zou het niet in het belang van de joden zelf zijn", meende hij. "Als er te veel joodse ontheemden zouden binnenstromen, "zou de stemming van ons volk ten opzichte van de joden een ongunstige wending nemen".

Voorbeelden

Drie voorbeelden dat het tot mensonterende taferelen leidde. Een gemartelde joodse man, die uit de gevangenis is ontsnapt en veertien dagen in Duitsland rondzwerft wordt niet toegelaten. "Hij kon niet bewijzen dat zijn verwondingen aan marteling te wijten zijn". Een stateloze vrouw, jodin, die na twaalf dagen lopen meer dood dan levend de Nederlandse grens bereikt wordt onverwijld weder uitgeleid. Een man, jood, wacht op Nederlands grondgebied op een telegram met uitzicht op een werkkring in Engeland. Het duurt de beambten te lang. Na enige uren oponthoud wordt hij onverbiddelijk over de grens gezet. Zijn smeekbede, onder aanroeping van God, dat terugkeer zijn dood wordt, is aan dovemansoren gericht. Aldus het comité Waakzaamheid 1938.

Ausderfunten

Van Slobbe in Breda rommelt op het eerste Duitse bevel tot Joodse registratie op z'n best met lijsten waarop de naar Duitsland af te voeren joden moeten worden gemeld. Er wordt op gewezen dat er mensen bij zijn met een 'sperre'. Een door de nazi's afgegeven tijdelijke vrijstelling met de niets aan duidelijkheid over te laten aantekening 'bis auf weiteres'. Hij voert aan dat genoemden zijn uitgezonderd; dat anderen in Duitse bedrijven werken die voor de oorlog van vitaal belang zijn. Hij streept de namen door van degenen die zitting hebben in de Joodse raad. Van de 118 aangewezenen blijven er 68 over en effectief gaan er 25 op de trein totdat Aus der Funten ingrijpt omdat hij de ingeleverde documenten 'een papieren draak' noemt. Het heeft gevolgen. Want op 16 april 1943 melden zich, na harde instructies aan de politieagenten ter opsporing, alle 118 Joodse inwoners.

"Vol"

Hun lot is beschreven in 'De Jodenvervolging in Breda'. Met een heldere epiloog van Philip Soezan, de voorzitter van de Nederlandse Israëlische gemeente Breda. Een slotstuk waarin hij spreekt over een belangrijk 'document humain' met een boodschap naar toekomstige generaties…Het belang van historisch bewustzijn door middel van getuigenissen is voor de organisatie van de Kristallnacht evident. Het thema 'Verhalen sterven niet' was gekozen om aan te geven dat wat er toen is gebeurd met de joden in nazi-Duitsland nog steeds gebeurt. Een zienswijze die werd verwoord door Hirsch Ballin. "Als de rechtstaat toestaat dat het recht van een enkeling wordt geschaad tast dat haar wezen aan. En als burgers wegkijken, berusten in onrecht is dat een ontkenning van de mensenrechten".

In 1938 in dit land: "Voor de vluchtelingen die wèl werden toegelaten werd een speciaal kamp gebouwd. Het kwam niet in Ermelo. "Koningin Wilhelmina zag dat niet graag bij haar zomerverblijf verrijzen". Voor de Joden was Westerbork het tussenstation naar de kampen. Want: "Vol was vol".



 
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=div-gpt-ad-1516714731254&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=internetbode.nl/breda&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>

Vacatures

DIGITALE KRANT





NIEUWSBRIEF


Blijf op de hoogte van het lokale nieuws uit jouw regio met onze dagelijkse nieuwsbrief