
Ria werd slachtoffer van nepagenten en wil nu iedereen waarschuwen: ‘Houd elkaar in de gaten, let op elkaar!’
Door: Wies van Erp AlgemeenROOSENDAAL - “Ik wil burgers aansporen om de boeven te pakken!”, zegt Ria (79) met een enorme vastberadenheid in haar stem. “Dit moet stoppen en het kán, maar daar hebben we elkaar voor nodig.” Twee weken nadat Ria op zondag 5 oktober slachtoffer werd van oplichting door een nepagent, is de schrik nog niet minder geworden. “De eerste week deed ik geen oog dicht, dat is gelukkig nu wel beter, maar ik ben er echt nog vol van. Ik kan over niks anders praten dan dit.”
Ria woont alleen in haar appartement in een seniorencomplex in Roosendaal. Al snel begint ze te praten over haar kinderen: haar zoon is een groot gemis, want hij overleed op 15-jarige leeftijd. Naast een portret van hem hangt een foto van haar dochter, die liefdevol een baby vasthoudt. Haar dochter woont aan de andere kant van de wereld, in Australië. “In februari bracht ze nog een verrassingsbezoek aan mij. Ze had alles georganiseerd; het leek alsof heel Roosendaal van haar komst wist, behalve ik. Robert ten Brink met All You Need Is Love had het niet beter kunnen doen,” lacht Ria, die al bijna twintig jaar met plezier in haar appartement woont.
‘Ik ben de volgende’
In het dagelijks leven is Ria drukbezet; iedere dag staat wel een activiteit gepland. Maar zondag, begin van de middag, was ze thuis toen de telefoon ging. “Het gesprek duurde 1 uur en 51 minuten. Al die tijd heb ik geen moment getwijfeld. Ik dacht echt dat ik met een rechercheur sprak.”
Er zou een dag eerder een overval gepleegd zijn. Twee verdachten waren aangehouden en de politie zocht nog naar een derde verdachte, althans dat was het verhaal waarmee de nepagent aan de andere kant van de lijn het gesprek begon. “Of ik iets verdachts had gezien, dat wilde ze weten.” Uit zogenaamd bewijsmateriaal zou zijn gebleken dat Ria het volgende slachtoffer van een overval zou worden. “Al die tijd was dat het enige waar ik aan kon denken: ik ben de volgende”, begint Ria haar verhaal.
De nepagent die zich als rechercheur voordeed, vroeg of er waardevolle spullen in huis aanwezig waren. Die waren er niet, wel spullen van emotionele waarde, maar geen andere kostbaarheden. “’Heeft u contant geld?’, vroeg hij daarna. Ja, dat had ik wel. Vervolgens wilde hij weten hoeveel. ‘Exact weet ik het niet, tweeduizend misschien,’ zei ik. Hij vroeg mij om het na te tellen.”
Al die tijd bleef de lijn bezet; de verbinding mocht niet verbroken worden. Ria pakte papier en pen, telde het geld en noteerde precies hoeveel brief- en muntgeld ze had: 1932 euro. Ze stopte het in een bakje.
Het ging zoals afgesproken
“’Mijn collega Bart komt straks aan de deur en hij stelt zich netjes voor. Alleen als hij zijn legitimatiecode geeft, 22kp95, mag u de deur opendoen. Heeft u dat begrepen?’ Hij klonk al die tijd heel bloedserieus,” weet Ria nog.
Hij zou de spullen vervolgens kort meenemen naar de auto, daar het een en ander noteren, foto’s maken en dit aan de bank doorgeven. “De bank zou vervolgens direct met mij contact opnemen.”
Het ging allemaal zoals vooraf besproken. Er werd aangebeld, de volgende nepagent stelde zich netjes voor en noemde de legitimatiecode op. Dat klopte, en Ria opende de deur. “Ik zie hem nog voor me: vriendelijk gezicht en een flinke bos haar. Hij had geen uniform aan, maar ja, dat hebben rechercheurs nooit, dacht ik nog. Ik heb het bakje meegegeven; hij zou foto’s maken in de auto en het daarna weer terugbrengen.”
Vervolgens liep de man met het bakje naar beneden en controleerde de andere nepagent, die nog altijd aan de telefoon hing, of alles verliep zoals gezegd. “Dat was zo, en toen werd de verbinding na bijna twee uur verbroken. Nog steeds had ik niks door, want dit was logisch: de ING zou bellen, dus de lijn moest vrij zijn.”
Dat telefoontje kwam er alleen niet, en dus besloot Ria al snel om zelf de bank te bellen. “Zij vertelde mij dat ik de politie moest inlichten, want het verhaal van de zogenoemde rechercheurs klopte niet. De politie kwam snel en heeft proces-verbaal opgemaakt.”
‘Door elkaar te helpen, stoppen we dit’
Intussen lukt het haar ’s nachts weer te slapen, maar overdag is ze er nog veel mee bezig. “Ik vertel het aan iedereen als het moet, want de angst en de zenuwen gieren door je lijf, dat gun ik niemand. Maar door elkaar te helpen, kunnen we dit stoppen,” vertelt Ria.
Weliswaar te laat, maar een volgende keer en voor toekomstige slachtoffers heeft Ria een oplossing: “Word je gebeld met een externe oproep, houd ze aan de praat, stuur een appje naar een buur en waarschuw zo samen de politie. Of schrijf het desnoods op een briefje en laat dit de buren lezen, zodat zij de politie kunnen inschakelen.”
Op tafel staat nog een bos bloemen die Ria direct nadat ze haar verhaal op de flat had gedaan kreeg. “Een troostbloemetje. Iedereen hier leeft heel erg met me mee.” Gelukkig voor Ria heeft ze doordeweeks genoeg in haar agenda staan. Zo sluit ze op maandag altijd aan bij het beweeggymen in de ontmoetingsruimte van haar appartementencomplex, dinsdag gaat ze kaarten, op woensdag is ze mantelzorger en gaat ze bingoën — en zo vult ze haar week met allerlei bezigheden en is ze graag onder de mensen.
“Ik dacht ook: dit overkomt mij niet, maar dus toch wel. Dit kan iedereen overkomen. Daarom wil ik echt een oproep aan iedereen doen: houd elkaar in de gaten, let op elkaar!”
![]()
Ria schreef de naam en legitimatiecode van de nepagent op - Foto: Wies van Erp




