Afbeelding
Foto: Addo Sprangers

West-Brabant versnelt woningbouw met geactualiseerde Woondeal: bijna 2000 woningen extra nodig

Door: Wies van Erp Algemeen

RUCPHEN - In navolging van de toegenomen druk op de woningmarkt heeft de regio West-Brabant de geactualiseerde Woondeal 2025 gepresenteerd, de eerste versie stamt uit 2022. Met een gezamenlijke ambitie van minimaal 8.930 nieuwbouwwoningen van 2025 tot 2030 zetten gemeenten, corporaties en marktpartijen samen met provincie en Rijk de schouders eronder.

“We zijn trots op wat we als regio al hebben gedaan, maar we realiseren ons ook dat plannen pas waarde hebben als ze tot concrete woningen leiden. In plannen alleen kun je tenslotte niet wonen,” zegt voorzitter Hans Wierikx van het Bestuurlijk Overleg Wonen. “We staan voor een flinke opgave: de woningbehoefte is groter dan gedacht. Daarom verhogen we de ambitie, pakken we door en houden we vast aan het uitgangspunt dat twee derde van de woningen betaalbaar moet zijn, waarvan dertig procent in het sociale segment.” Wierikx benadrukt het unieke karakter van de samenwerking binnen de regio. “We zijn als eerste Brabantse regio met een geactualiseerde Woondeal gekomen. De kracht zit in de samenwerking: overheden, corporaties en marktpartijen trekken gezamenlijk op en spreken elkaar aan op resultaat. Een goed voorbeeld daarvan is de oprichting van de Versnellingsstafel, waar we samen knelpunten oplossen en processen stroomlijnen.” Paul Huijsdens, bestuurder van Stadlander, is ruim een half jaar in dienst en afkomstig uit een andere regio, maar beaamt dit: “De samenwerking tussen overheid, gemeenten, private sector en wij als corporatie is echt bijzonder. Zo’n prettige samenwerking is nieuw voor mij.”

2776  woningen opgeleverd

De resultaten tot nu toe zijn veelbelovend. Sinds 2022 zijn er regionaal 2.776 nieuwe woningen opgeleverd, waarvan 130 flexwoningen. Van de nu geplande woningen bevindt 72% zich in het betaalbare segment. Regionale analyses, zoals het woonzorgkader en afspraken voor seniorenhuisvesting, zijn opgesteld, net als concrete huisvestingsplannen voor aandachtsgroepen zoals uitstromers uit zorginstellingen, statushouders en arbeidsmigranten. Toch blijft de opgave uitdagend. Huijsdens wijst op de kwetsbaarheid van de bouwambities in relatie tot landelijke politieke besluiten: “Een voorstel voor huurbevriezing zou desastreus zijn geweest voor onze investeringskracht en daarmee ook voor de sociale woningbouw. Gelukkig is dat teruggedraaid. Maar het onderstreept hoe belangrijk langjarige, stabiele afspraken zijn binnen de Woondeal.”

Stroperige procedures vertragen onnodig

Ook voor marktpartijen vormt de Woondeal een belangrijke kapstok. Jacco Snepvangers directeur van Van Agtmaal, die namens meerdere ontwikkelaars aan tafel zit, uit zijn frustratie over stroperige procedures waardoor bouwprojecten onnodig vertragen. Toch blijft hij hoopvol: “De bereidheid om samen op te trekken is er: gemeenten, ontwikkelaars en corporaties zitten aan één tafel. Maar we moeten af van het denken in traditionele rijtjeshuizen. Met het groeiende aantal kleine huishoudens is zo’n aanpak niet meer houdbaar of betaalbaar.” Snepvangers pleit voor vernieuwing in het woningaanbod, gericht op efficiënt ruimtegebruik en diversiteit in woningtypologie. “We moeten de woningmarkt benaderen zoals we dat nu doen met energie of mobiliteit: creatiever, flexibeler en realistischer. Kleinere woningen, andere indelingen van bestaande gebouwen; dat zijn allemaal oplossingen waarmee we sneller kunnen inspelen op de huidige vraag.”

Kleinere woningen betekent meer op dezelfde plek

Als voorbeeld noemt hij de veranderende samenstelling van huishoudens: “In het verleden werden veel huizen gebouwd voor grotere gezinnen. Demografisch gezien bestaat een huishouden tegenwoordig gemiddeld uit 1,1 persoon, waar dat vroeger 1,6 was. Als we met die realiteit bouwen, betekent dat kleinere woningen en dus meer woningen op dezelfde oppervlakte. Die nieuwe woningen zijn ruim genoeg voor stelletjes of jonge gezinnen met een baby. Wordt het gezin groter of de baby ouder, dan volgt doorstroming naar een ruimere woning. Die doorstroming is precies wat we nodig hebben.” Een voorbeeld van de Versnellingstafel vindt Snepvangers in Roosendaal, waar de Wouwse Weide volgens de zogenoemde 100-dagenaanpak in hoog tempo wordt ontwikkeld. “Daar zie je wat mogelijk is als iedereen zich echt committeert. Als elke partij capaciteit vrijmaakt en je grotere plannen integraal oppakt. Dan maak je meters, niet met tien woningen hier en daar, maar met serieuze aantallen.”

Obstakels 

Toch zijn er stevige obstakels die de woningbouwopgave bemoeilijken. De stikstofproblematiek vertraagt vergunningverlening en netcongestie belemmert nieuwe aansluitingen op het elektriciteitsnet. Wierikx onderkent deze knelpunten en roept op tot nauwe samenwerking met provincie en Rijk.
Naast nieuwbouw wordt ook gekeken naar transformatie van bestaande panden,  bijvoorbeeld het optoppen van gebouwen, het ombouwen van kantoren of de herbestemming van leegstaand vastgoed. Daarbij staan verduurzaming en betaalbaarheid centraal.



Blijf op de hoogte van het lokale nieuws uit jouw regio met onze dagelijkse nieuwsbrief