
Daan Luijkx: ‘Ik heb altijd mijn gevoel gevolgd’
Door: Addo Sprangers RubriekOndernemers zijn vaak dag en nacht bezig met hun onderneming. Maar wat drijft hen? Wat is hun motivatie? En waar liggen zij ‘s nachts van wakker? In ‘Aan de keukentafel met...’ gaan we met hen in gesprek en gaan we op zoek naar het bijzondere verhaal dat zij te vertellen hebben. Deze week: Daan Luijkx van STJ Luijkx Vastgoed.
Aan de keukentafel bij Daan Luijkx in Schijf vallen meteen warmte en bescheidenheid op. “Ik heb niet het geijkte pad gevolgd, maar altijd mijn gevoel,” zegt hij. Zijn loopbaan voert van het profpeloton naar de accountancy, via eigen wielerteams naar vastgoedontwikkeling.
Je begon als wielrenner, maar stapte relatief snel uit het profpeloton. Hoe kwam dat?
“Ik begon op mijn achtste. Op een gegeven moment kwam ik bij de nationale ploeg en mocht ik WK’s rijden. Ik werd op mijn 21e prof. Maar de successen bleven uit. Het was niet de wereld waarop ik gehoopt had. Na vier jaar, na de Ronde van Lombardije, besloot ik te stoppen en direct te gaan werken.”
En dat werd niet meteen iets met cijfers?
“Ik had alleen havo en geen idee wat ik kon. Mijn zwager bood werk als pijpfitter, maar een ander familielid nam me vanwege mijn talenkennis mee naar een transportbedrijf. Daar kon ik studeren en haalde ik in een jaar mijn vakbekwaamheid transport. Via een collega die een wielerfiets zocht kwam ik bij een groothandel terecht. De eigenaar vroeg me daar te komen werken. Ik stemde toe op één voorwaarde: dat ik ’s avonds de HEAO kon doen. Overdag bezocht ik wielerzaken, ’s avonds studeerde ik. Dat gaf me energie. Toen wist ik: dit is mijn pad.”
Uiteindelijk belandde je bij Ernst & Young. Hoe was dat?
“Ik solliciteerde bijna afgestudeerd en werd aangenomen. Ik was ouder dan de rest, had al gewerkt, een huis en auto, terwijl zij nog op kamers woonden. Ik bracht echter meteen klanten mee uit de tweewielerwereld. Daar stonden ze van te kijken. Maar ik voelde vaak dat ik achterliep: voor het vaste carrièrepad vond ik mezelf te oud.”
Wat zorgde ervoor dat je uiteindelijk koos voor zelfstandig ondernemerschap?
“Via een headhunter kwam ik bij Euretco terecht, waar ik ondernemers adviseerde. Dat wilde ik zelf doen. Samen met Han Hoendervangers startte ik in 2000 een eigen accountantskantoor. We begonnen met twee medewerkers en 28 klanten. We dachten dat we onszelf wel zouden verhuren als het rustig was, maar vanaf dag één liep het storm.”
Ging dat vanzelf?
“Zo voelde het wel. We namen bewust mensen aan vóórdat ze nodig waren. Binnen drie jaar moesten we al verhuizen naar een groter pand. Uiteindelijk groeiden we door naar Sprundel en later Etten-Leur. We bleven autonoom, zonder investeerders of overnames. Zelf bepalen was ons uitgangspunt – en dat bleek de juiste strategie.”
Toch stopten jullie per 1 januari van dit jaar na 25 jaar met het kantoor. Waarom?
“We hadden drie partners opgeleid. Als we ruimte wilden geven aan nog twee participanten, moesten Han en ik een stap terug doen. Op ons 58e voelde dat als het juiste moment: afscheid nemen op het hoogtepunt. Twee jaar lang hebben we de overdracht voorbereid. Het mooiste compliment? Klanten en medewerkers zeggen nu: ‘Het loopt gewoon door zoals het was’.”
Het wielrennen bleef een rol spelen in je leven. Hoe kwam dat terug?
“Toen ik stopte als prof, had ik het gevoel dat dit hoofdstuk nog niet voor mij was afgesloten. Het boek was nog niet dicht. Toen het accountantskantoor liep, werd ik voorzitter van Willebrord Wil Vooruit. In vijf jaar tijd vertienvoudigde het budget en richtten we een semi-profploeg op, eerst Fondas, later P3 Transfer-Batavus. Met personeel, jonge renners met salaris, alles professioneel geregeld. Alleen deden we het ernaast, in onze vrije tijd. Dat houd je geen tien jaar vol; ook thuis werd het te veel.”
Maar het jongensboek begon pas echt met Vacansoleil, toch?
“Klopt. Vacansoleil zocht een ploeg om hoofdsponsor van te worden en plaatste zelfs een oproep in de krant, wat zelden gebeurt. Ik solliciteerde en werd na twee gesprekken gekozen. Mijn droom ging in vervulling: een profploeg leiden. In 2009 reden we de Vuelta, drie jaar later de Tour. We wonnen ritten in de grootste koersen – en ik was eigenaar.”
Eigenaar van een Pro Tour-ploeg, dat is uitzonderlijk…
“Meestal zijn zulke ploegen in handen van bedrijven of miljardairs. Ik deed dit naast het accountantskantoor. Uiteindelijk werkten er negentig mensen in de ploeg, die wereldwijd reed, soms op drie fronten tegelijk. Ik maakte werkweken van honderd uur. Na vijf jaar Pro Tour stopte de sponsor en voelde ik zelf ook: dit hoofdstuk is gesloten.”
Hoe combineerde je dat met je gezinsleven?
“In het begin was het lastig: veel weg, veel reizen. Maar mijn vrouw Eva was begripvol en deed zelfs de medische coördinatie voor de ploeg. De kinderen genoten mee. Mijn zoon Sander was drie keer loopjongen in de Tour. Soms kwamen ze mee naar de Giro in Italië. Dat zijn herinneringen die je nooit vergeet.”
Inmiddels ben je actief in de vastgoedwereld. Hoe begon dat?
“Toeval. In 2008 investeerde ik met vrienden in vastgoed, maar dat viel stil. Ik besloot zelf projecten te ontwikkelen en richtte STJ Luijkx Vastgoed op. Mijn eerste project was een wijk met dertien villa’s, daarna volgden medische centra en woningen. Ik ontdekte dat ik het leuk vond – niet vanwege het geld, maar omdat ik zag wat het kon betekenen.”
Kun je daar een voorbeeld van geven?
“Ja. Mijn moeder moest soms naar de dokter, maar de omstandigheden daar waren slecht. Ik wilde dat verbeteren. Het resultaat werd een modern medisch centrum met praktijk, huisartsen, fysio, apotheek en prikdienst onder één dak. Mijn moeder was er zó trots op dat ze daar terecht kon. Zulke projecten die echt iets toevoegen: dat drijft me.”
Welke persoonlijke eigenschap heeft je daarbij geholpen?
“Als ik iets wil, dan moet het gebeuren. Eerst zeker weten of iets kan, dán ga ik ervoor. Maar misschien nog belangrijker: goede mensen om je heen verzamelen en vertrouwen geven. Je kunt het niet alleen.”
Is dat de belangrijkste ondernemersles?
“Absoluut. Vooral bij de wielerploeg heb ik dat geleerd. Met een Noor, een Italiaan en een Sloveen in de ploeg moet je elk op een andere manier benaderen. Begrip voor de mens achter de functie maakt je succesvol als leider.”
Waar ben je het meest trots op?
“Dat ik in drie totaal verschillende werelden iets heb opgebouwd. Als wielrenner op het hoogste niveau, al waren de resultaten niet fantastisch. Maar ik heb wèl de Giro gereden. Als ondernemer groeide ons accountantskantoor naar 65 medewerkers en gaat het nu zelfstandig verder. En als ploegleider wonnen we ritten in grote rondes. Nu bouw ik met plezier aan vastgoedprojecten die maatschappelijke waarde hebben.”
En wat brengt de toekomst?
“Hopelijk rust. Ik wil nog een paar projecten afronden. Maar ik heb aan Eva beloofd dat ik écht een jaar of twee niks ga doen. En dan hoop ik dat ik ervan kan genieten. Al ken ik mezelf: ik denk dat het niks doen niet lang duurt.”
Tot slot: met wie zou je zelf aan de keukentafel willen zitten?
“Donald Trump. Gewoon, om hem te vragen wat hij nu eigenlijk met de wereld van plan is. Daar maak ik me toch zorgen om.”
Paspoort
Naam: Daan Luijkx
Leeftijd: 59 jaar
Burgerlijke staat: Getrouwd met Eva
Kinderen: Twee zoons, Sander en Thimo, en een dochter, Julie
Functie: “Een stukje ondernemen in vastgoed, verder ben ik met pensioen. Vastgoed is overigens een stukje hobby, het is niet mijn beroep.”
Hobby’s: “De wielerfiets loopt als een rode draad door mijn leven. Ik zit nog altijd twee of drie keer per week op de fiets.”




