
Het Tongerlohuys: een pastorie als museum
AlgemeenROOSENDAAL - Op cultureel vlak zit het wel goed in Roosendaal. Er is een schouwburg in de stad, De Kring, er zijn diverse culturele verenigingen en er is een museum, Het Tongerlohuys. Maar wat gebeurt er nu allemaal achter de deuren van deze oude pastorie? Wie kan dat beter vertellen dan conservator Janine Verster? Wie nieuw is in de stad en door de poorten van het Museum Het Tongerlohuys loopt, heeft geen idee wat zich in het pand aan het pleintje bevindt. In de voormalige Roosendaalse pastorie van de Norbertijnen van de Abdij van Tongerlo is nu een museum gevestigd dat zich vooral richt op de geschiedenis van Roosendaal en omstreken. “In de kern richt Het Tongerlohuys zich op de lokale geschiedenis. Alle objecten in het museum hebben dan ook een link met Roosendaal of de dorpen daaromheen”, aldus Janine Verster.
Norbertijnen Museum Het Tongerlohuys is een gemeentelijk monument. En dat is niet voor niets. De Norbertijnen en Tongerlo zijn nauw verweven met de gemeente Roosendaal. Het is aan de Norbertijnen te danken dat er een kapel ontstond, op de plaats waar nu de Sint-Janskerk staat. “Dit pand zelf stond er toen nog niet. Voordat Het Tongerlohuys er stond, stond er een ander gebouw, waarvan we de fundamenten wel hebben aangetroffen. Het Tongerlohuys in de huidige vorm is in 1762 gebouwd. De Norbertijnen bleven tot 1972 in de pastorie gehuisvest. Daarna werd het pand gerestaureerd en vanaf 1974 gebruikt door de oudheidkundige stichting De Ghulden Roos, onder meer voor de expositie van hun collectie. Tot 1991 deelden De Ghulden Roos en het Gemeentearchief Het Tongerlohuys. De Stichting Int Heyderadey zat ook in het gebouw. In 2006 gingen De Ghulden Roos en Int Heyderadey samen en ontstond Museum Het Tongerlohuys. Ik werk hier zelf sinds 1998.”
Schatkamer Het Tongerlohuys biedt werk aan 2 tot 3 medewerkers en zo’n 25 vrijwilligers. Er zijn vaste exposities in Het Tongerlohuys, waaronder de salon met diverse schilderijen van Hollandse meesters als Ferdinand Bol. “De werken zijn afkomstig van de gemeente en diverse particuliere collecties. Ook hebben we een soort schatkamer met allerlei religieuze objecten vanuit alle parochies. Een groot deel van de collectie is afkomstig van De Ghulden Roos en een deel van de gemeente. In totaal hebben we zo’n 7.000 objecten, waarvan een deel dus vast tentoongesteld wordt. Jaarlijks trekt Het Tongerlohuys zo’n 9.000 tot 10.000 bezoekers. We hebben ook een industriële expositie, waarin de industrie aan bod komt die voor Roosendaal van groot belang was. Onlangs hebben we nog zeer speciale ramen uit de Philips-fabriek kunnen bemachtigen. Ook van de Roosendaalse kunstenaar George Notenboom en de in de Eerste Wereldoorlog vanuit België naar Nederland gevluchte Alfred Ost hebben we werken. Daarnaast hebben we regelmatig wisselexposities. Over het algemeen geldt dat alles wat wij in huis hebben, samenhangt met Roosendaal en via onder meer giften, via fondsenwerving of uit bruikleen en soms uit aankopen tot ons komt.”Hoewel het Gemeentearchief niet meer in Het Tongerlohuys gevestigd is, wordt er nog wel nauw samengewerkt. “Wij hebben de objecten, zij het papier achter de objecten. Samen kunnen we de geschiedenis van Roosendaal in kaart brengen en laten zien. Die geschiedenis is voor Het Tongerlohuys het belangrijkste.”
BIJDRAGE JOSÉ VAN DER WEGEN




