
Echtpaar Hoendervangers-Thijs viert diamanten huwelijk
Door: Johan Wagenmakers AlgemeenBOSSCHENHOOFD - Op woensdag 10 juli herdachten Jan Hoendervangers (88) en Adrie Thijs (83) dat ze zestig jaar geleden in de echt zijn verbonden. Het nog steeds zelfstandig wonende diamanten echtpaar werd deze dag bezocht door locoburgemeester Sharona Malfait, die namens de gemeente de hartelijke gelukwensen kwam overbrengen.
Beide echtelieden komen oorspronkelijk uit Hoeven. “Ik ben geboren achter de kerk en kom uit een gezin met vijf kinderen. Later zijn ze bij ons thuis verhuisd naar Bosschenhoofd”, vertelt de bruidegom. “Bij ons thuis waren we met vijftien kinderen, waarvan er nog twaalf in leven zijn, en ik kom uit de Kruisstraat”, vult de bruid aan.
Balzaal
Ze hebben elkaar leren kennen op de dansvloer bij Geerts in Oudenbosch. “Daar waar nu de Plus Supermarkt is was vroeger een dansvloer. Bij die balzaal was het een samenkomst van onze vrienden en vriendinnen, die gingen daar allemaal naartoe.” Daarbij ging het volgens Jan om een weddenschap. “Ik had gewed met een stel vrienden dat ‘die van mij was’ en dat ik ze naar huis mocht brengen en stapte gewoon op haar af. Ze woonde toen ook al in Bosschenhoofd en een eindje van haar huis vandaan heb ik ze afgezet, want anders zouden ze ons zien”, gniffelt hij. “En denk maar niet dat je vroeger zelfs maar twee minuten te laat thuis mocht zijn. Dat ging echt niet”, herinnert Adrie zich nog maar al te goed.
Koolas
Het huwelijk werd gesloten op het oude gemeentehuis van Hoeven en kerkelijk ingezegend in Bosschenhoofd. Het eerste jaar hebben ze bij de ouders van Jan ingewoond, omdat het nieuwbouwhuis aan de Margrietstraat nog niet klaar was. “Nu wonen we er ondertussen al 59 jaar.” Ze vinden wel dat er in hun woonplaats veel veranderd is. “Vroeger was de weg nog van koolas, draaiden ze de spoorbomen nog met de hand open en dicht, stonden er lang zoveel huizen niet, waren er zeker nog wel negen winkels, hadden we nog een fanfare en majoretten”, sommen ze op. Verheugd zijn ze wel met de onlangs geopende nieuwe supermarkt en het nieuwe dorpshuis.
Snoep
Jan is maar liefst 45 jaar in dienst geweest bij snoepfabriek Redband-Venco aan de Spoorstraat in Roosendaal. “Als 15-jarige begonnen voor 48 uur per week en voor 20 cent per uur! Ik heb daar veel handenarbeid gedaan en veel snoep gemaakt.” Bij zijn 40-jarig dienstverband in 1991 heeft hij een lintje gekregen. “Als je zolang bij één baas had gewerkt was dat gebruikelijk in die tijd.” Vijf jaar later ging Jan vervroegd met pensioen. “De computer kwam en met ‘die man’ konden ze niks meer doen”, merkt hij quasi-serieus op. Adrie was tot haar trouwen bij Philips Roosendaal in dienst. “Daar maakte ik het binnenste van de lampen.” Na haar huwelijk duurde het nog acht jaar voor er kinderen kwamen. “Her en der deed ik intussen huishoudelijke werk en ik zorgde voor de ouders van Jan. Als ik na mijn dertigste nog geen kinderen heb dan hoeft het niet meer zei ik toen.” Gelukkig werden ze verblijd met twee dochters en hebben ze inmiddels zes kleinkinderen. “Eerlijk verdeeld: drie jongens en drie meisjes.” De huiskamer hangt vol met foto’s van hun kroost en een foto van allen met het diamanten paar als stralend middelpunt is de laatste aanwinst.
Antiek
Op vakantie gaan kende het echtpaar in hun werkzame leven niet. “De eerste vakantiedagen bij Redband waren slechts enkele verplichte snipperdagen zoals op 15 augustus en op Goede Vrijdag. Later kwam daar een vrije zaterdag bij.” Met de eigen kinderen en later de kleinkinderen gingen ze dagjes weg naar het bos, de speeltuin of de Efteling. Na de pensionering van Jan zijn ze diverse keren met een geheel verzorgde busreis naar Frankrijk, waar onder meer Lourdes aangedaan werd, en Oostenrijk geweest. “Verder waren wij op ons eigen en deden veel fietsen en wandelen.” Nadat Jan een paar keer met de fiets gevallen is gaat dat helaas niet meer. “Wel pak ik zo nu en dan de auto nog.” Ze kijken terug op een mooie huwelijkstijd met geven en nemen. “Het meeste geven dan”, lacht Jan. Gefeest hebben ze bij streekmuseum ’t Oude Platteland in Sint Willebrord. “Met het hele gezin en familie tussen de antieke spullen, waar we zelf nu ook bijhoren”, lachen ze tot slot.




