
Bertus en Joke Kerstens-Roozen vieren briljanten huwelijk
Door: Johan Wagenmakers AlgemeenHOEVEN - Op Tweede Paasdag 6 april waren Bertus Kerstens (87) en Joke Roozen (86) maar liefst vijfenzestig jaar met elkaar getrouwd. “Het botste af en toe wel, maar dat hoort erbij,” lachen ze. Burgemeester Anne Mulder toog een dag later op zijn fiets naar het huis van het briljanten echtpaar in ’t Gors, aan de rand van Oudenbosch en Hoeven, om ze van harte te feliciteren.
Een vaas met prachtige kunstbloemen die het echtpaar voor hun 60-jarig huwelijk gekregen heeft, staat na vijf jaar nog te pronken op tafel. Nieuwe felicitatie-kaarten en bloemstukken zijn erbij gezet…echter de burgemeester komt met een lege vaas aan. “Onderweg heb ik kennelijk de bloemen verloren. Ze zijn uit mijn fietstas gevallen. Maar ik beloof dat er een nieuwe bos komt,” stamelt hij ietwat beduusd. De toon is gezet, want onmiddellijk begint het bruidspaar ‘een vaas zonder bloemen’ te zingen. Daarna wordt het een gezellig uurtje al is er eerst nog even ‘een strijd’ tussen de echtelieden wie naast de burgemeester mag zitten.
Stijloren
Joke heeft vrijwel haar hele leven in ’t Gors gewoond. “Als ik uit het raam kijk, zie ik waar ik geboren ben. Ik ben de oudste van zes meiden en heb een broer.” Bertus groeide op met vier broers en een zuster en komt uit de Bankenstraat in Etten-Leur. “Dat kun je aan mijn oren wel zien….. stijloren haha.” Op de kermis van Bosschenhoofd kwamen ze elkaar tegen. Na anderhalf jaar verkering zijn ze getrouwd. Eerst hebben ze nog een jaartje bij de ouders van Bertus ingewoond. “Samen met enkele broers en vrienden hebben we ondertussen deze bungalow hier gebouwd. We wonen er nu dus 64 jaar. Als we kunnen, blijven we hier nog wel even zitten. Het uitzicht is prachtig,” vertelt Bertus.
Spinnekopkes
Het echtpaar heeft drie kinderen gekregen: Johan, Bennie en Petra. Bennie heeft echter maar vier dagen geleefd. Hij lag onverwacht dood in zijn bedje. De herinnering daaraan doet Joke nog veel pijn. “Daar heb ik nog steeds veel verdriet van. Het verlies van je kindje vergeet je nooit,” zegt ze bedroefd. Ze hebben vier kleinkinderen en inmiddels vijf achterkleinkinderen. “Het gaat gelukkig verder allemaal goed in ons gezin en over onze gezondheid mogen we niet klagen.” Ondanks hun hoge leeftijd zijn ze nog erg vitaal en wonen ze nog geheel zelfstandig. “Er kunnen wel wat meer spinnekopkes hangen, maar thuishulp is nog niet nodig,” merkt Joke daarbij op.
Rikken
Bertus heeft zevendertig jaar voor Aannemingsbedrijf de Kwaadsteniet uit Dordrecht gewerkt. “Ik deed gas- en waterleidingen aanleggen. Eerst met de schop en later veel kraanwerk. Ik reed met de auto naar Dordrecht en omgeving en nam mensen mee.” Nu geniet hij al jarenlang van een welverdiend pensioen. Hij ‘rommelt’ graag in de tuin, kijkt en volgt het wielrennen op de voet -“maar dan wel op den Bels - en gaat al 25 jaar kaarten; met name rikken bij Buurthuis De Linde in Etten-Leur. “Dat is altijd gezellig daar.” Het wereldnieuws houdt hij ook bij. “Als cadeau hebben we van de kinderen een nieuwe televisie gehad. Het beeld is veel duidelijker nu haha. Met de auto rijdt hij nog overal naartoe. “Hopelijk wordt mijn rijbewijs weer verlengd.”
Bosbadhal
Joke is interieurverzorgster bij onder meer het politiebureau en de Bosbadhal in Hoeven geweest. “Dan hoorde ik graag dat ze zeiden dat de Bosbadhal er nooit zo gaaf uitzag als toen Mevrouw Kerstens het bijhield,” gniffelt ze. Haar grootste hobby was verven. “Het hele huis hield ik altijd bij. Mijn moeder deed dat ook graag.” Haar uitje is de bingo. “Bij de ouderenbond in het steunpunt naast de kerk. Daar ga ik graag naar toe.” Hoewel ze volgens Joke ‘geen vakantiemensen’ zijn, hebben ze in hun jongere jaren toch menig reisje gemaakt. “Mijn zussen namen ons gewoon mee. Zo zijn we geweest op de Canarische Eilanden, Gambia in Afrika, Griekenland en met de bus naar Benidorm in Spanje.” Nu blijven ze het liefste thuis in de eigen vertrouwde omgeving.
Etentje
Met het gezin en enkele naaste familieleden hebben ze Tweede Paasdag een heerlijke etentje gehad. “Dat was bij ‘de Japanner’ in Bouvigne in Breda. Daar gaan we altijd naartoe als er iets te vieren is.”
Ze kijken terug op een mooi en druk leven. “We zijn zuinig groot gebracht en nooit lui geweest. Met alles wat we bereikt en gedaan hebben mogen we niet klagen,” klinkt het tot slot.




