
Nieuwe wethouder Pepijn van Aken: ‘Dit is voor mij een once in a lifetime opportunity’
Door: Wies van Erp PolitiekHALDERBERGE - Nog maar net beëdigd als wethouder van de gemeente Halderberge, maar Pepijn van Aken (28) voelt zich al thuis in zijn nieuwe rol. De jonge bestuurder verruilde een baan als beleidsadviseur bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) voor het wethouderschap. Een keuze waar hij niet lang over hoefde na te denken.
“Ik zat bij BZK heel erg op mijn plek. Ik had leuke collega’s en een hele goede werkgever. Maar dit is voor mij een once in a lifetime opportunity. Die kon ik niet voorbij laten gaan”, vertelt Van Aken. “Ik heb er welgeteld één dag over nagedacht en dat was meer dan voldoende.”
De nieuwe wethouder werkte bij het ministerie aan overheidsbrede dienstverlening. Daarbij had hij regelmatig te maken met de politieke kant van beleidsvorming. “Als beleidsadviseur ben je onder andere verantwoordelijk voor de beantwoording van Kamervragen. Er was een Kamerlid dat mijn dossier eruit had gepakt. Daardoor kreeg ik veel vragen die ik moest beantwoorden, was ik aanwezig bij debatten en voerde ik moties uit. Dat politieke element vond ik ontzettend interessant.”
Iets terugdoen voor de samenleving
Voor Van Aken draait politiek niet om de functie zelf, maar om maatschappelijke betrokkenheid. Die motivatie liep als een rode draad door zijn vrijwilligerswerk en politieke activiteiten.
“Ik ga niet de politiek in om maar een positie te hebben. Ik wil iets voor de samenleving betekenen en iets bereiken. Dat geldt voor het vrijwilligerswerk dat ik bij de voetbalvereniging heb gedaan, waar ik jeugdteams heb getraind. Je wilt iets terugdoen voor de maatschappij waarin je met veel plezier bent opgegroeid.”
Ook zijn eerste stappen in de lokale politiek zette hij vanuit die gedachte. “Ik ben begonnen als raadslid zonder het idee om ooit wethouder te worden. Gewoon omdat ik iets wilde terugdoen voor de samenleving. Dat ik nu de kans krijg om wethouder te worden, maakt dat ik het echt zie als een unieke kans.”
Volgens Van Aken biedt het wethouderschap bovendien de mogelijkheid om zich volledig voor de gemeenschap in te zetten. “Het raadslidmaatschap doe je naast je dagelijkse werk. Wethouder ben je fulltime. Nu kan ik iedere dag bezig zijn met belangrijke opgaven voor onze inwoners.”
Brug tussen Den Haag en de gemeente
Zijn ervaring bij BZK neemt Van Aken nadrukkelijk mee naar het gemeentehuis. Daarbij wil hij afrekenen met het idee dat het Rijk taken vooral doorschuift naar gemeenten om er zelf vanaf te zijn.
“Zo heb ik dat nooit ervaren toen ik bij BZK werkte. Het Rijk doet dat juist omdat gemeenten hun inwoners het beste kennen. Zij weten wat er lokaal speelt en zijn daardoor het best toegerust om landelijk beleid te vertalen naar de lokale praktijk.”
Volgens hem ligt daar ook een belangrijke verantwoordelijkheid voor gemeenten. “Wat landelijk wordt bedacht, moet lokaal uitvoerbaar worden gemaakt. Of het nu gaat om het sociaal domein, duurzaamheid of energie: je moet weten wat er in je gemeente speelt en beleid daarop laten aansluiten.”
Economie, werk en verduurzaming
Van Aken krijgt binnen het college de portefeuilles Economische Zaken, Werk en Inkomen en Verduurzaming onder zijn hoede. Met die combinatie is hij naar eigen zeggen erg tevreden. “Tussen die hoofdthema’s zijn hele mooie verbindingen te maken. Denk bijvoorbeeld aan het verduurzamen van bedrijventerreinen of de ontwikkeling van nieuwe bedrijfslocaties. Maar ook aan het beter koppelen van bedrijven aan het sociaal werkbedrijf, zodat meer mensen begeleid kunnen worden naar betaald werk.”
“Betaald werk geeft ook eigenwaarde en zelfstandigheid. Ik heb van dichtbij gezien wat dat voor mensen kan betekenen.”
‘Ik blijf gewoon mezelf’
Zijn voorganger, Sharona van Ham, gaf volgens hem op geheel eigen wijze invulling aan het wethouderschap. “Dat zijn grote schoenen om te vullen, omdat zij haar eigen draai aan het wethouderschap heeft gegeven en dat fantastisch heeft gedaan.”
Van Aken wil hetzelfde doen, maar dan op zijn eigen manier. „Het is geen rol die je speelt. Je speelt niet dat je wethouder bent, je bent het. Ik blijf daarin ook gewoon mezelf. Er is nu, zeker in Den Haag, een afstand tussen samenleving en politiek. Die wil ik juist verkleinen. Mensen moeten zichzelf in jou kunnen herkennen. Doe je dat niet, dan vergroot je die afstand alleen maar.”




