
Zevenbergse Kees (9) wint landelijke finale motorcross in Westerbork
Door: Yvonne Vermeulen AlgemeenZEVENBERGEN - Negen jaar oud, twee indrukwekkende bekers en een crossmotor die klaarstaat voor de volgende uitdaging. Kees Junior Boot won eerst de districtscompetitie DMX Zuid en vervolgens op zondag 11 oktober de landelijke DMX-finale in Westerbork, in de 50cc-klasse. Een prestatie waar hij zelf vooraf niet op had gerekend. Zijn ouders glimmen van trots.
Had hij verwacht dat hij de landelijke finale zou winnen? Kees hoeft er niet lang over na te denken. “Nee, eigenlijk niet.” Maar het gebeurde wel. Na een succesvol seizoen in het zuiden trof hij in Westerbork de geselecteerde rijders uit de districten Noord, Midden en Zuid. Ook daar kwam hij als winnaar uit de strijd.
DMX staat voor DistrictsMotocross en valt onder de Koninklijke Nederlandse Motorrijders Vereniging, de KNMV. Tijdens de districtscompetitie verzamelen deelnemers punten bij wedstrijden op verschillende circuits. Aan het einde van het seizoen ontmoeten de beste rijders uit de districten elkaar tijdens een landelijke finale.
“Er stonden bij ons tien wedstrijden op het programma, maar een er van werd afgelast”, vertelt zijn vader. “Uiteindelijk hebben we negen wedstrijden gereden. Je moet gedurende het seizoen punten verzamelen. Er kan van alles gebeuren: pech met de motor, een valpartij of een tegenstander die net iets sneller is.”
Kees vertelt het op zijn eigen manier: drie keer werd hij tweede, de overige wedstrijden eerste.
Begonnen op vier wielen
Zijn kennismaking met gemotoriseerd rijden begon al op tweeënhalfjarige leeftijd, met een quad. Vier wielen, vooral voor het plezier. Later volgde de crossmotor. Zijn eerste wedstrijd reed hij in Rilland, waar hij zevende werd.
Inmiddels heeft hij heel wat ervaring opgedaan. Toch vindt hij het soms nog spannend, zeker wanneer een baan moeilijk is of diepe sporen heeft. Daar praat hij eerlijk over. Ook vallen hoort bij zijn ervaringen: onder meer een gebroken sleutelbeen en verschillende kneuzingen.
Zijn ouders nemen de risico’s serieus. “We besteden veel tijd aan training met een trainer”, vertelt zijn vader. “Daarbij gaat het om veiligheid en techniek.”
Voor het rijden op een crossbaan zijn ook regels en een passende licentie belangrijk. Kees weet bijvoorbeeld wat de vlaggen betekenen en hoe de startprocedure werkt. Eén keer vertrok hij te vroeg en kwam hij tegen het starthek terecht. Maar zijn verhaal eindigt opgewekt: “Daarna ben ik nog teruggereden naar P1.”
Een sport voor het hele gezin
Meestal wordt op woensdagmiddag getraind. Vader regelt daarvoor ruimte naast zijn werk. Voor trainingen en wedstrijden moeten regelmatig behoorlijke afstanden worden afgelegd. Rilland en Alphen zijn de banen waar Kees rijdt.
Kan vader niet mee, dan gaan moeder en opa. “Opa is zijn grootste fan”, vertelt zijn moeder. Ook sponsors, veelal vrienden en bekenden, helpen om de sport mogelijk te maken. Het gezin is hun daarvoor dankbaar. Via filmpjes op sociale media delen de ouders Kees’ belevenissen en brengen zij de sponsors onder de aandacht.
Zijn gebruikelijke startnummer is 273. Daar zit een persoonlijk verhaal achter: zijn moeder is op 27 maart jarig.
Leren schakelen
Na het kampioenschap wacht een nieuwe stap: van de 50cc-automaat naar een 65cc-motor. Daarmee moet Kees ook leren schakelen. Hij heeft al een eerste training achter de rug. “De eerste keer ging eigenlijk al best goed.”
Zijn grote voorbeeld is Jeffrey Herlings. Ook Kay de Wolf volgt hij graag. Wedstrijden kijken hoort erbij: Kees vertelt enthousiast over sprongen, inhalen en de strijd tussen de coureurs.
Op school krijgt zijn eigen verhaal binnenkort een podium. Kees zit in groep zes van De Boomerang en wil zijn motor en beide bekers meenemen voor een presentatie. Wat hij later wil worden? “Motorcrosser.” En anders autoverkoper.




