Een belangrijke oorzaak van de achteruitgang is de stijging van de watertemperatuur in de zomer.
Een belangrijke oorzaak van de achteruitgang is de stijging van de watertemperatuur in de zomer. Foto: Nationaal Park Oosterschelde

Vissen en bodemdieren in Oosterschelde laatste 30 jaar met een kwart afgenomen

Door: Olaf Knook Algemeen

THOLEN - De populaties van 37 soorten vissen en bodemdieren in de Oosterschelde zijn sinds 1994 met 28 procent afgenomen. Van deze soorten vertonen 15 een dalende trend, waaronder schol, mossel en Europese zeekreeft. Acht soorten, zoals purperslak en platte oester, laten een toename zien. Dit blijkt uit analyses van het CBS.

Sinds 1994 worden de populaties van vissen en bodemdieren in de Oosterschelde gemonitord aan de hand van 37 kenmerkende soorten, waaronder kreeftachtigen, schelpdieren en zeesterren. Van deze soorten gaat het met 15 achteruit, terwijl 8 soorten juist toenemen. De overige soorten vertonen een stabiele populatie of vertonen een onzekere trend.

De afname van vissoorten, zoals schol en gewone zeedonderpad, is het sterkst. Deze zijn de afgelopen dertig jaar met maar liefst 60 procent afgenomen. Ook kruipende bodemdieren als strandkrabben en zeekreeften lieten eerst een stijging zien, maar vertonen sinds 2019 een afname. Vastzittende bodemdieren, zoals de pauwkokerworm, daalden tot 2018, maar lijken in de laatste jaren een licht herstel te vertonen.

Oorzaak van achteruitgang

Een belangrijke oorzaak van de achteruitgang van vissoorten is de stijging van de watertemperatuur in de Oosterschelde tijdens de zomermaanden. Door de opwarming trekken sommige vissen naar diepere, koelere delen van de Noordzee. Daarnaast speelt de verharding van de onderwateromgeving een rol. Op sommige plekken zijn holtes tussen rotsen opgevuld met staalslakken, een restproduct uit de staalindustrie, wat de leefruimte van de dieren beperkt.

Niet alleen vissen en bodemdieren worden getroffen, maar ook andere diergroepen. De zeenaaktslakken is sinds 1994 met bijna 70 procent afgenomen, terwijl kwallen een daling van bijna 20 procent vertonen. Kreeftachtigen vertoonden tot voor kort nog een lichte toename, maar recente gegevens wijzen op een sterke afname van onder andere de Europese zeekreeft en de heremietkreeft.

Exotische soorten

In de Oosterschelde is de afgelopen jaren een toename van exotische soorten te zien, vaak afkomstig uit wateren buiten Europa. Rond 2010 waren er al zo’n 50 exotische soorten aanwezig en sindsdien zijn er minstens 18 nieuwe soorten bijgekomen. Deze exoten, zoals de Japanse oester en de Amerikaanse ribkwal, zijn vaak via internationale scheepvaart in Nederlandse wateren terechtgekomen.

De gevolgen van deze exotische soorten voor de inheemse fauna verschillen. Sommige concurrenten verdringen inheemse soorten in de zoektocht naar voedsel en leefruimte, terwijl anderen juist bijdragen aan de biodiversiteit door nieuwe leefomgevingen te creëren.



Blijf op de hoogte van het lokale nieuws uit jouw regio met onze dagelijkse nieuwsbrief