Ondanks de grootte van de klas, barsten de tien leerlingen van enthousiasme voor de wedstrijd.
Ondanks de grootte van de klas, barsten de tien leerlingen van enthousiasme voor de wedstrijd. Foto: Thoolse Bode

Deze kleine klas van Het Kompas strijdt tegen textielafval: ‘We gaan eerste worden!’

Door: Olaf Knook Algemeen

ANNA JACOBAPOLDER - Broeken, tassen, gordijnen, petten, knuffels: alle soorten textiel mag in de strijd van de Textiel Race. Naast basisscholen De Kraal in Tholen en de Groen van Prinsterer in Scherpenisse doet ook groep 6, 7, 8 van Het Kompas in Anna Jacobapolder mee. De klas van juf Annemieke bestaat uit slechts tien leerlingen, maar gelukkig bepaalt de grootte van de groep straks niet wie er wint. 

Wethouder Corniel van Leeuwen gaf maandagochtend op de christelijke basisschool in Anna Jacobapolder het startsein voor de Textiel Race. Van 9 maart tot en met 2 april gaan leerlingen van elf Thoolse en Bevelandse basisscholen zoveel mogelijk textiel inzamelen. Mara Dankers van Race Against Waste geeft in de klas uitleg over de wedstrijd en waarom het belangrijk is dat kleding een tweede leven krijgt.

Tekst gaat verder onder de foto.


Wethouder Van Leeuwen gaf in de klas het startsein voor de Textiel Race - Foto: Thoolse Bode

Weggooien

“Wat doen jullie met textiel dat je niet meer gebruikt?”, vraagt Dankers aan de klas. Doorgeven, in de textielbak of naar de kringloopwinkel, reageren de leerlingen. “Als er een gat in mijn broek zit, maakt mijn moeder er een korte broek van”, zegt een jongen trots. Dankers is onder de indruk van hoe de leerlingen met textiel omgaan. “We kopen gemiddeld elk jaar 46 kledingstukken per persoon. In onze kast liggen zo’n 173 stukken, waarvan er 50 niet gebruikt worden omdat ze niet meer passen of niet meer in de mode zijn. Elk jaar gooien we 40 kledingstukken weg, de helft gaat gewoon in de prullenbak.” Ze schudt haar hoofd. “Dat is zonde. Er is genoeg kleding op aarde voor zes generaties.”

Het weggooien van kleding is ook slecht voor de natuur. De kinderen zoeken naar de labels in hun kleding. Veel stukken zijn gemaakt van katoen of polyester. Maar dat is niet het enige. “Ook van plastic. Dat is raar, alsof je een plastic zak draagt”, zegt Dankers. “En als je die kleding wast, komen er kleine plastic deeltjes in het water. Die belanden dan in ons drinkwater en bij de vissen.”

Kinderarbeid

De klas praat verder over waar kleding vandaan komt. Veel textiel wordt in Azië gemaakt, zoals in China en Cambodja. Landen waar de werkomstandigheden slecht zijn en waar ook kinderarbeid voorkomt. De klas krijgt een filmpje te zien over de 13-jarige Mohammed uit Bangladesh. Hij werkt daar zes dagen per week, tien uur per dag in een kledingfabriek. Naar school gaat hij niet. “Ik kan me daar niets bij voorstellen”, reageert een jongen verbaasd. “Hierdoor besef je pas hoe goed wij het hier hebben”, zegt een ander. “Ik vind het echt zielig voor die kinderen.”

Ook leren de leerlingen hoeveel water er nodig is om textiel te maken. “Hoeveel liter water denken jullie dat er nodig is voor één spijkerbroek?”, vraagt Dankers. De meeste leerlingen gokken tussen 500 en 2.000 liter. Het juiste antwoord verrast iedereen: 8.000 liter. Zelfs wethouder Van Leeuwen en juf Annemieke zaten er flink naast met 1.000 en 3.000 liter.

Tekst gaat verder onder de foto.


Mara Dankers laat verschillende soorten stoffen zien aan de kinderen - Foto: Thoolse Bode

Tweede leven

Dankers laat voorbeelden zien van tassen en lappen stof die ingeleverd kunnen worden voor de Textiel Race. Op de deelnemende scholen staan binnenkort rolcontainers klaar, waarin het ingezamelde textiel wordt verzameld voor een tweede leven. Alle leerlingen krijgen een eigen taak. Er zijn verzamelaars nodig, maar ook makers, verslaggevers en managers die alles goed in de gaten houden.

Ook inwoners kunnen helpen. Iedereen kan gratis textiel thuis laten ophalen door de leerlingen. Dit kan door het textiel online aan te bieden via www.textielrace.nl . Je kunt zelf aangeven op welke momenten de scholieren het textiel kunnen ophalen. Op de website is te zien welke soorten textiel opgehaald mogen worden.

De school die de meeste punten verzamelt, wint een geldprijs van 500, 250 of 100 euro. Daarmee kan de klas bijvoorbeeld een leuk uitje regelen. “Naar Spanje!”, roept een meisje enthousiast. De klas ligt in een deuk. “We kunnen er ook boeken van kopen”, reageert een jongen meer realistischer. Ondanks de grootte van de klas is het enthousiasme bij de tien leerlingen groot. Ook bij juf Annemieke. “We gaan gewoon eerste worden, hè!”, moedigt ze de leerlingen aan.



Blijf op de hoogte van het lokale nieuws uit jouw regio met onze dagelijkse nieuwsbrief