
Tiende editie voor Polderchallenge Standdaarbuiten: ‘Schoon aan de finish komen is eigenlijk geen optie’
Door: Tom Rietveld AlgemeenSTANDDAARBUITEN – Schoon aan de finish komen is bij de Polderchallenge eigenlijk geen optie. Wie zich inschrijft, weet dat water, modder, klauteren en onverwachte hindernissen erbij horen. Zaterdag beleefde Standdaarbuiten alweer de tiende editie van het evenement. Een jubileum dat liet zien dat de formule na al die jaren nog niets van haar aantrekkingskracht heeft verloren. Integendeel: de belangstelling was zo groot dat de beschikbare startbewijzen in razend tempo waren verdwenen.
Met een bomvol programma voor alle leeftijden startten de verschillende doelgroepen de hele dag door. Ook de jeugd was goed vertegenwoordigd. Want wie langs het parcours staat, ziet dat kinderen soms met een verbazingwekkend gemak door modder en water gaan.
Langs de kant staat de moeder van Goof. Haar zoon kent de Polderchallenge inmiddels goed. Het is zijn derde of vierde deelname.“Hij vindt het erg leuk”, vertelt ze. Zijn favoriete onderdelen? “Ik denk de apenhang, het parcours over het water en natuurlijk de uitdaging van de modder.”
Dat enthousiasme begint al ruim voor de start. Zodra duidelijk wordt dat de Polderchallenge eraan komt, wil Goof weer meedoen. Voor kinderen lijkt het vies worden eerder een aanbeveling dan een bezwaar. Waar volwassenen misschien nog voorzichtig proberen een plas te ontwijken, stappen de jeugdige deelnemers er met zichtbaar genoegen middenin.
Dat is precies de sfeer die de organisatie wil bereiken. Het evenement mag sportief uitdagend zijn, maar plezier staat voorop.
Ieder jaar anders
Bestuurslid Theo Vermunt ziet het evenement inmiddels voor de tiende keer voorbijkomen. Het basisconcept is in al die jaren hetzelfde gebleven, vertelt hij, maar het parcours wordt ieder jaar aangepast.
“We variëren met de route. De ene keer linksom, de andere keer rechtsom en dan weer door een ander gebied van Standdaarbuiten. Ook proberen we ieder jaar nieuwe hindernissen toe te voegen.”
Bouwen, verzinnen en opnieuw verbeteren hoort bij de Polderchallenge. Sommige hindernissen zijn inmiddels vaste prik, andere verschijnen voor het eerst. Zo werd dit jaar een nieuwe klimtoren toegevoegd. Eerder waren er bijvoorbeeld ook een mallemolen en andere zelfbedachte obstakels.
De organisatie merkt dat veel kinderen terugkomen. “Er zijn kinderen die één keer hebben meegedaan, het zo leuk vinden en het jaar daarop meteen weer willen.”
De leeftijdsgrenzen zijn ruim. Volgens Vermunt doen deelnemers mee vanaf ongeveer vijf jaar en is er eigenlijk geen bovengrens. “Iemand van tachtig jaar die fit is, kan gewoon meedoen.”
Binnen enkele uren uitverkocht
Over gebrek aan belangstelling hoeft de organisatie zich niet druk te maken. Dit jaar konden zelfs honderd extra deelnemers worden toegelaten. Daarmee kwam het maximum op ongeveer 1.250 deelnemers.
De inschrijving ging op 1 april om middernacht open. Vermunt: “Om acht uur ’s morgens waren we totaal uitverkocht.”
Achter zo’n dag gaat een enorme organisatie schuil. Het bestuur bestaat uit zeven mensen, maar op de dag zelf zijn ongeveer 140 vrijwilligers actief. Ze bouwen hindernissen, begeleiden deelnemers en zorgen dat alles rondom het evenemententerrein blijft draaien.
Vermunt is zichtbaar trots op die betrokkenheid. Een evenement van deze omvang organiseren in een relatief klein dorp lukt alleen wanneer veel mensen bereid zijn de handen uit de mouwen te steken.
En niet alleen de deelnemers moeten plezier hebben. De organisatie probeert ook op het evenemententerrein een feestelijke sfeer te creëren. “Het moet voor de hele dag en voor iedereen wat vertier zijn. Ook voor iemand die niet meedoet.”
Een dorp dat samen iets neerzet
De Polderchallenge wordt bewust budgetneutraal georganiseerd. Sponsoren zijn daarom belangrijk en ook de gemeente levert volgens Vermunt een bijdrage. Maar uiteindelijk draait het vooral op vrijwilligers en mensen uit het dorp.Na tien edities is de Polderchallenge daarmee veel meer geworden dan een hindernissenloop. Het is ook een evenement waarin Standdaarbuiten laat zien wat een dorp gezamenlijk voor elkaar kan krijgen.








