
Moerdijk stopt met subsidie voor VoorleesExpress vanwege tegenvallende resultaten
Door: Yvonne Vermeulen AlgemeenMOERDIJK- Er komt geen vervolg voor de VoorleesExpress. Dat komtomdat de inzet volgens het college onvoldoende opweegt tegen de behaalde resultaten. De gemeente heeft 30.000 euro subsidie verstrekt aan het project, waarbij vrijwilligers twintig weken lang wekelijks bij gezinnen thuis kwamen om kinderen voor te lezen. Hoewel kinderen enthousiaster werden over lezen en meer zelfvertrouwen kregen, was er te weinig verbetering zichtbaar in hun taalontwikkeling. Dat blijkt uit de antwoorden van het college op vragen van PRO-raadslid René de Visser.
De Visser stelde vragen over het beëindigen van de subsidie. Hij wilde onder meer weten hoe de gemeente de resultaten heeft beoordeeld, welke doelstellingen vooraf waren vastgesteld en hoe de ondersteuning van deelnemende gezinnen wordt opgevangen.
De VoorleesExpress richt zich op gezinnen met kinderen die extra ondersteuning bij taal en lezen kunnen gebruiken. Tijdens een traject van twintig weken komt een vrijwilliger eenmaal per week bij een gezin thuis om voor te lezen. Daarbij is het doel niet alleen om de taalontwikkeling van kinderen te stimuleren, maar ook om ouders te helpen het voorleesritueel zelfstandig voort te zetten.
Tijdens het eerste jaar van de pilot werden vijftien gezinnen bereikt. In de periode van januari tot en met augustus 2026 waren dat er twaalf. Omdat er in Zevenbergen onvoldoende aanmeldingen waren, werd het project uitgebreid naar Fijnaart, Klundert en Willemstad. Voor de uitvoering werden via Surplus vijftien vrijwilligers geworven, van wie er twaalf daadwerkelijk aan gezinnen werden gekoppeld.
Evaluatie
Bij de beoordeling keek de gemeente onder meer naar de vooruitgang in de taalontwikkeling van kinderen en de vraag of ouders na afloop zelfstandig bleven voorlezen. Volgens de evaluatie waren er positieve signalen. Kinderen werden enthousiaster over voorlezen en kregen meer zelfvertrouwen. Een aantoonbare verbetering van hun taalontwikkeling bleef echter achter.
Het is niet gemeten en aangetoond dat de positieve ontwikkelingen rechtstreeks het gevolg waren van de VoorleesExpress. Ook waren er weinig gegevens beschikbaar van organisaties die gezinnen naar het project doorverwezen. De ervaringen van ouders zijn evenmin meegenomen in de evaluatie. Dat gebeurt pas vanaf volgend jaar via de landelijke verantwoordingsmonitor.
Volgens het college was het daardoor moeilijk om de resultaten goed en betrouwbaar vast te stellen. Daarnaast gaven vrijwilligers aan dat er bij een deel van de gezinnen onvoldoende vertrouwen was dat ouders na afloop zelfstandig zouden blijven voorlezen.
Doelen vooraf vastgesteld
Het doel was om jaarlijks twintig gezinnen in Zevenbergen te bereiken. Ook waren doelen opgenomen voor de taalontwikkeling van kinderen en het voortzetten van het voorleesritueel door ouders. Bij 70 procent van de kinderen moest een zichtbare vooruitgang in de taalontwikkeling optreden. Daarnaast was het de bedoeling dat 60 procent van de ouders het voorleesritueel zou voortzetten.
Volgens het college waren deze doelstellingen vooraf bekend bij Surplus, zij deden de uitvoering van het project. De doelstellingen waren opgenomen in de subsidievoorwaarden.
De gemeente heeft 30.000 euro subsidie verstrekt aan de VoorleesExpress. Het college vindt dat de methodiek veel inzet vraagt en dat die onvoldoende opweegt tegen het bereik en de resultaten. Het project werd betaald uit rijksmiddelen voor het onderwijsachterstandenbeleid (OAB). De gemeente moet verantwoording afleggen over de besteding daarvan. Als blijkt dat middelen niet doelmatig zijn besteed, kan het Rijk geld terugvorderen.De gemeente wil daarom onderzoeken welke alternatieven er zijn.
Zes trajecten worden afgerond
De meeste deelnemende gezinnen hebben hun traject inmiddels kunnen afronden. Voor gezinnen die ondersteuning bij lezen en taal nodig hebben, wijst het college op activiteiten van Bibliotheek West-Brabant. Daaronder vallen de Baby- en PeuterParade. Surplus en de gemeente informeerden de vrijwilligers gezamenlijk per brief over het besluit.




