
Aan de keukentafel met Kees de Mooij
Door: Sanne Brusselaars RubriekBERGEN OP ZOOM/THOLEN - Ondernemers zijn vaak dag en nacht bezig met hun onderneming. Maar wat drijft hen? Wat is hun motivatie? En waar liggen zij ‘s nachts van wakker? In ‘Aan de keukentafel met...’ gaan we met hen in gesprek en gaan we op zoek naar het bijzondere verhaal dat zij te vertellen hebben. Deze week: Kees de Mooij van De Mooij Fietsen.
Wie bij De Mooij Fietsen aan de Zuid-Oostsingel binnenstapt, komt terecht in een familiebedrijf met bijna zestig jaar geschiedenis. Al zag de winkel van Kees de Mooij er in de tijd van zijn opa behoorlijk anders uit. Die begon met bromfietsen, zijn vader voegde de fietsen toe en inmiddels staat Kees als derde generatie aan het roer. De bromfietsen én fitnessapparaten zijn verdwenen, de elektrische fietsen en bakfietsen kwamen ervoor terug. Want vasthouden aan het familiebedrijf betekent volgens De Mooij vooral niet dat je alles moet blijven doen zoals het altijd ging.
Kees, bijna zestig jaar De Mooij. Hoe is het ooit begonnen?
“Mijn opa is in 1966 begonnen met bromfietsen. Dat was toen natuurlijk helemaal hot. Fietsen kwamen pas later. Mijn vader werkte bij mijn opa en heeft de zaak uiteindelijk voortgezet. In zijn tijd kwamen er steeds meer fietsen bij en werden de bromfietsen steeds minder belangrijk.”
En jullie hebben ook nog een halve rondreis door Bergen op Zoom gemaakt met de winkel.
“Haha, ja. Mijn opa begon aan de Korte Parkstraat. Daarna is mijn vader met de zaak naar het Zuivelplein verhuisd en vervolgens naar de Wassenaarstraat. Sinds 2002 zitten we hier aan de Zuid-Oostsingel. Voor ons is dit eigenlijk de perfecte locatie. Mensen kunnen ons makkelijk vinden, je kunt hier goed laden en lossen en we zitten aan de rand van het centrum.”
Jij bent de derde generatie. Was vanaf je geboorte al duidelijk dat jij de fietsenzaak zou overnemen?
“Nee, helemaal niet. Die keuze heb ik echt zelf gemaakt. Ik heb eerst een opleiding machinebankwerken gedaan, in de metaalverwerking. Daarna heb ik een jaar stage gelopen bij een fietsenwinkel in Goes, juist om eens te zien hoe het ergens anders ging. Ik vond het vak heel leuk en in 1999 ben ik hier fulltime gaan werken.”
En toen kwamen de ideeën?
“Ja. Toen ik terugkwam van die stage had ik allerlei ideeën. Uiteindelijk hebben we besloten naar dit pand te verhuizen. Mijn ouders hadden prima in de oude winkel kunnen blijven, maar als je naar de toekomst kijkt, wil je toch verder.”
Wat vind je eigenlijk het leukste aan het vak: de fiets of het ondernemen?
“Het product vind ik leuk, maar het ondernemen spreekt me heel erg aan. Nieuwe plannen bedenken, met klanten bezig zijn, samen met het team kijken wat anders of beter kan. Ik help soms nog mee in de werkplaats, maar mijn hart ligt toch meer bij het contact met klanten.”
Dus jij staat ook nog gewoon zelf in de winkel?
“Zeker. Ik vind dat leuk, maar ik denk ook dat mensen dat verwachten. Bij een grote organisatie maakt het misschien minder uit wie er staat, maar hier komen mensen ook echt voor de mensen in de winkel. Niet alleen voor mij trouwens. We hebben medewerkers die hier al lang werken en echt een band met klanten hebben opgebouwd.”
Komen die klanten ook al generaties lang?
“Ja, dat klinkt misschien gek, maar soms wel. We hebben heel veel vaste klanten die al jaren komen en vervolgens komen hun kinderen ook weer. Natuurlijk zien we ook nieuwe gezichten, maar dat persoonlijke is eigenlijk altijd hetzelfde gebleven.”
Terwijl er in bijna zestig jaar juist ontzettend veel veranderd is.
“En dat moet ook. Toen we in 2002 hierheen verhuisden, verkochten we bijvoorbeeld van alles: kinderfietsen, racefietsen, mountainbikes en zelfs fitnessapparatuur. Uiteindelijk merk je dat je beter kunt focussen op waar je echt goed in bent. Nu richten we ons op stadsfietsen, toerfietsen, e-bikes, bakfietsen en aangepaste fietsen. Sportfietsen doen we bewust niet.”
Waarom die keuze?
“Ik geloof in specialisme. Je kunt natuurlijk proberen om van alles aan te bieden, maar wij kiezen liever voor een duidelijk assortiment waar we echt veel kennis van hebben.”
In 2020 besloten jullie de winkel ook nog volledig te verbouwen.
“Haha, ja. Toen we begonnen met verbouwen bestond corona nog niet. We zijn ongeveer vier maanden bezig geweest en vlak voordat we klaar waren, kwam ineens het nieuws dat winkels misschien dicht moesten. We hadden net flink geïnvesteerd en een compleet nieuwe winkel neergezet.”
Dan slaap je toch even iets minder lekker.
“Absoluut, ik hou juist van stabiliteit en zekerheid. Natuurlijk ben ik ondernemer en neem je risico’s, maar wel berekende risico’s. Dit kon niemand berekenen. We hadden een opening met ongeveer tweehonderd gasten en twee weken later moesten we in principe weer dicht. Qua timing was het het meest bizarre moment ooit.”
En achteraf?
“Achteraf was het voor onze branche juist een fantastische periode. Mensen konden weinig anders dan fietsen of in de tuin zitten. De werkplaats bleef draaien en later konden we op afspraak verkopen en fietsen bezorgen. Maar op voorhand wist je natuurlijk niet hoe het zou aflopen.”
Hoe hield je in zo’n onzekere periode je team bij elkaar?
“Iedereen kwam gewoon naar de zaak. Soms deden we dingen die we normaal nooit deden: filmpjes maken, acties bedenken, van alles om bezig te blijven. Voor de teamspirit was het fijn dat we samen waren. Inmiddels werken we hier met tien mensen en dat team is voor ons ontzettend belangrijk.”
Dat bleek ook bij het zestigjarig bestaan: jullie namen iedereen mee naar Barcelona.
“Ja, we vonden dat we voor zestig jaar wel even mochten uitpakken. Dus zijn we met het hele team een weekend naar Barcelona geweest. En natuurlijk hebben we daar ook een fietstocht gedaan!”
Dat is nog eens een teamuitje!
“Ja, ons team is voor ons superbelangrijk. We zijn een relatief klein team en werken intensief met elkaar samen. Je hoeft niet elkaars beste vriend te zijn, maar je moet wel prettig met elkaar kunnen werken. En ik vind waardering belangrijk. Als het ons goed gaat, mogen mijn medewerkers daar ook van profiteren.”
Is goed personeel vinden tegenwoordig moeilijker?
“Zeker. Er komt niet heel veel van de opleidingen en iedereen zoekt goede mensen. Terwijl fietsenmaker echt een vak is. Mensen denken misschien: je plakt een band en dan ben je fietsenmaker. Maar zo werkt het natuurlijk niet meer. We verkopen tegenwoordig fietsen die duizenden euro’s kosten. Daar hoort kennis en kwaliteit bij.”
En de fiets zelf blijft ondertussen ook veranderen.
“Absoluut. De e-bike heeft natuurlijk een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Nu zie je hetzelfde bij bakfietsen en longtails. Mensen gebruiken die bijvoorbeeld in plaats van een tweede auto. In grote steden zag je dat eerder, maar hier komt dat nu ook steeds meer.”
Hoe bepaal je wanneer je in zo’n ontwikkeling meegaat?
“Je houdt de markt in de gaten, spreekt collega’s en gaat naar beurzen. Maar iets nieuws moet wel passen bij wat we doen. Je hoeft niet achter iedere ontwikkeling aan te rennen. Ik hou van stabiliteit, voor zover dat kan als ondernemer. Het is niet dat we alles op rood zetten. Je neemt berekende risico’s, maar moet tegelijkertijd wel blijven ontwikkelen.”
En ondertussen loopt je vader hier nog steeds rond.
“Ja, mijn vader komt op donderdag nog regelmatig. Dan zet hij wat fietsen in elkaar of doet hij bezorgingen en haalt hij fietsen op voor reparatie en onderhoud. Dat vindt hij leuk.”
En je vrouw Moniek werkt ook in de zaak.
“Zeker. Moniek en ik kennen elkaar inmiddels zo’n twintig jaar en zij werkt hier ook al heel lang. Ze kwam uit de retail en op een gegeven moment konden we wel iemand gebruiken. Toen heb ik gevraagd of ze hier wilde komen werken en eigenlijk is dat zo gebleven. Ze doet veel backoffice en verkoop. Ik doe dit dus zeker niet alleen.”
Je hebt zelf een dochter van zeventien. Staat generatie vier al klaar?
“Die kans acht ik niet groot. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat de zaak dan stopt. Dat zien we tegen die tijd wel. Drie generaties is in ieder geval al heel bijzonder. Zestig jaar is toch een flinke mijlpaal.”
Wat staat er voor de komende jaren nog op je lijstje? Een tweede winkel?
“Nee, daar ben ik niet zo van. Ik denk juist dat onze kracht is dat je zelf in de zaak aanwezig bent. Bovendien zijn we hier nog helemaal niet klaar met ontwikkelen. Fietslease is bijvoorbeeld iets waar nog veel mogelijkheden liggen. Veel mensen weten nog niet eens dat het bestaat. Er blijft genoeg te doen.”
Tot slot de vaste vraag: met wie zou jij zelf nog eens aan de keukentafel willen zitten?
“Dan kies ik Max Verstappen. Ik vind het fascinerend hoe iemand onder zo’n extreme druk kan presteren en zo gefocust kan blijven. Dat zie je bij topsporters vaker. Die gedrevenheid vind ik mooi en zou ik graag over in gesprek gaan.”
Paspoort
Naam: Kees de Mooij
Leeftijd: 46 jaar
Woonplaats: Bergen op Zoom
Bedrijf: Eigenaar van De Mooij Fietsen
Burgerlijke staat: Samen met Moniek, samen een 17-jarige dochter
Wat doe je graag buiten je werk? “Mountainbiken met vrienden, hier op de Brabantse Wal”




